Ook woede zoekt nieuwe wegen in Griekse crisis

Alle Grieken zijn boos. Maar ze hebben ook weerzin tegen protest van oppositie en de bonden. ‘Laten we iets dóen.’

Athene - Vandaag is een zwarte dag in de agenda op Apergia.gr (staking.gr). Alle openbaar vervoerstakingen en blokkades zijn op deze website netjes geordend en voorzien van tips over bijvoorbeeld de bussen die nog wél rijden. Vrijwel elke dag staat protest op de agenda. Vandaag is één blik genoeg om te zien wat voor dag het is. Overal blokkades.

De goedbezochte website is het platform van de Grieken die niet staken. Die zijn er ook. Grieken die niet willen stranden door de rumoerige werkonderbrekingen en betogingen van hun landgenoten.

Amalia Zepou (48) documentairemaakster en moeder van drie kijkt vaak op Apergia.gr, vertelt ze in een café in het centrum van Athene. „Vaak weten we niet eens waarvoor wordt gestaakt”, sneert ze. Zepou walgt van de protesten naar klassiek recept. Geblokkeerd verkeer. Beledigingen aan het adres van bestuurders. Slogans tegen kapitalisme. „Zo hol, ik kan ze niet meer lezen.” Kwaad zijn we allemaal, zegt ze. „We zijn allemaal teleurgesteld in de politieke partijen. Maar laten we niet janken, niet demonstreren, maar iets doen.”

Een jaar geleden werd Zepou actief bij de Atenistas, een groep Atheense burgers die kleinschalige projecten doet om de verloedering van de stad tegen te gaan. Ze ruimen vuilnis op. Organiseren wandeltochten door buurten die door de grote instroom van dakloze immigranten razendsnel verloederen. En doen ludieke acties tegen wildparkeren.

Linkse commentatoren vinden de Atenistas burgerlijk en ideologieloos. Maar sinds de oprichting in september is de beweging razendsnel gegroeid. Op de internetpagina hebben zich 9.000 leden aangemeld om aan opruimacties mee te doen en nieuwe projecten voor te stellen. In andere steden en op eilanden zijn soortgelijke groepen ontstaan. Patrinistas in havenstad Patras. Kantunistas op Corfu. De populariteit van de beweging heeft waarschijnlijk een rol gespeeld bij de regionale verkiezingen eind vorig jaar. In de twee grootste steden van het land, Athene en Thessaloniki, zijn onafhankelijke kandidaten tot burgemeester gekozen, een breuk met de traditionele politieke machtsverdeling.

Het succes van de Atenistas is „een reactie op de reactie”, zegt Zepou. De luidruchtige vakbondsdemonstraties en ambtenarenrallies met hun slogans en hun vlaggen roepen bij veel Grieken weerzin op. Dat geldt ook de politici die zelfs in deze ongekend diepe crisis doorgaan met hun onderlinge spel en verdeeldheid.

Dat veel Grieken snakken naar een breuk met de traditionele verhoudingen blijkt ook uit het vredige protest dat sinds 25 mei op het Plein van de Grondwet (Syntagma) wordt gehouden. Er zijn geen spandoeken van vakbonden of politieke partijen. Geen gebalde vuisten en communistische symbolen. Rechts doet een groepje protestanten tussen de tenten aan tai chi. Onder een boom wordt gekookt. Links kunnen voorbijgangers hun handtekening zetten voor een onderzoekscommissie naar het ontstaan van de staatsschuld. „Ik behoor tot geen enkele partij”, staat op handgeschreven posters.

De demonstranten die op Syntagma kamperen en discussiëren wijzen inmenging van politieke partijen en vakbonden af. In tegenstelling tot de traditionele betogingen, die vaak ontaarden in geweld, trekt dit protest op zondagen jonge gezinnen en politiek ongebonden mensen.

De woede over de pijnlijke bezuinigingen is verre van verdwenen, de wil om gehoor te geven aan de regie van vakbonden en oppositiepartijen wel. „Een doodlopende weg, niets authentieks aan”, oordeelt Antonis Bouyias. Hij is manager bij een drukkerij en komt sinds drie weken na werktijd naar het Plein van de Grondwet. Tussen ochtendgloren en werkdag slaapt hij een paar uur thuis. „Vakbonden worden aangestuurd door de regering. Ze zijn een instrument.”

Pitsirikos, een goed gelezen Griekse blogger inspecteert het Plein van de Grondwet als een boer zijn moestuin. „Hier put ik hoop uit. Ik heb nog nooit van mijn leven zoveel Grieken gezien die stil zijn, terwijl ze luisteren naar een afwijkende mening”, vertelt hij drentelend langs tenten en kramen. Zijn alias betekent ‘hummel’. In zijn korte broek en crocs oogt de lange man met grijze baard als een opgeblazen peuter.

Op het plein is te zien dat de frustratie onder Grieken niet zozeer groeit doordat de bezuinigingen pijn doen, analyseert Pitsirikos, maar doordat geen rekenschap wordt aflegd. De politiek is een kliek, die belangen beschermt van twee- tot driehonderd families die de economie en media in handen hebben, zegt hij. „Niemand is gestraft.” Burgers voelen zich voorgelogen en gemanipuleerd, ook door media en vakbonden. „Je hebt mensen die stemmen op de kleinzoon van de man waarop hun grootvader stemde, surreëel.”

Hij kroelt een hond door de vacht, die vaak door beeld loopt bij demonstraties. „Zonder geld kun je leven, zonder gerechtigheid niet.”