Meer niet-westerse allochtonen dan autochtonen in bijstand

Allochtone vrouwen met hun kinderen in de Rotterdamse wijk Pendrecht. De mensen op de foto hebben geen relatie met de inhoud van onderstaand bericht. Foto NRC Handelsblad / Bas Czerwinski

Er zitten bijna net zoveel allochtonen in de bijstand als autochtonen. Het aantal niet-westerse allochtonen in de bijstand is in 2009 verder gegroeid, terwijl het aantal autochtonen afnam. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek vanochtend.

In 2009 zaten per duizend niet-westerse allochtonen 110 mensen in de bijstand, in totaal 144 duizend. Per duizend autochtonen hadden zeventien mensen een bijstandsuitkering, goed voor ruim 148 duizend in totaal.

Het aantal westerse allochtonen in de bijstand bleef gelijk. Tot 2006 daalde het aantal mensen in de bijstand bij niet-westerse allochtonen en autochtonen even snel. In 2007 was de afname bij de eerste groep kleiner en sindsdien is het gaan stijgen, terwijl het bij autochtonen bleef dalen.

Van de grote groepen allochtonen zitten Marokkanen het vaakst in de bijstand, namelijk 129 per duizend. Daarna volgen mensen van de Nederlandse Antillen en Aruba (102 per duizend), Turken (88 per duizend) en Surinamers (75 per duizend). Het allerhoogst scoort de groep ‘overig niet-westers allochtoon’, waar per duizend mensen 135 een bijstandsuitkering krijgen.