'Het is tijd voor militante initiatieven'

Literaire tijdschriften

Het jongste (1 dag) en het oudste (174 jaar) literaire tijdschrift van Nederland laten zich niet opheffen. „Wij gaan het grootser opzetten.”

De timing is in elk geval bijzonder. In de week waarin staatssecretaris Halbe Zijlstra een streep zette door de subsidie van de Nederlandse literaire tijdschriften, presenteert een groep schrijvers doodleuk het eerste nummer van een nieuw tijdschrift: Terras.

Het blad wil vooral aandacht besteden aan vertaalde poëzie, in lijn van het twee jaar geleden opgeheven, legendarische blad Raster. „Terras is niet toevallig een anagram van Raster”, schrijven de redacteuren in het voorwoord van het eerste nummer. „De brede internationale oriëntatie van Raster is ons voorbeeld”, zegt mede-oprichter en dichter Erik Lindner (1968). „Ik organiseerde zo’n tien jaar terug literaire programma’s voor het Institut Néerlandais in Parijs. Ik heb tijdens die periode echt grip gekregen op bepaalde ontwikkelingen in de Franse letteren via Raster. De brede internationale oriëntatie van dat blad was belangrijk en die stem mis ik nu bij de andere literaire tijdschriften.” En wat er niet is, dat moet je zelf maken. „Elders staat wel werk van buitenlandse dichters, maar wij willen dat bij Terras veel groter opzetten. Dus naast veel poëzie ook een inleidend essay over de dichter en zijn oeuvre.”

Naast ideologisch komt Terras ook financieel uit Raster voort. Lindner: „Het Nederlands Letterenfonds hechtte waarde aan de digitalisering van oude Raster-nummers. Er is toen een kleine subsidie gekomen om dat te verwezenlijken. Toen tijdschriftraster.nl er eenmaal was, hadden we wat geld over. Dat is gebruikt om een deel van het eerste nummer van Terras mee te financieren.”

Dat er in december een tweede nummer zal verschijnen is zeker, maar door de aangekondigde stopzetting van de tijdschriftensubsidies is de toekomst van Terras dadelijk al ongewis. „Het Nederlands Letterenfonds was enthousiaster over een tijdschrift in de lijn van Raster dan de uitgeverij ervan, De Bezige Bij. We hadden dus gehoopt dat Henk Pröpper, de directeur van het Letterenfonds, Zijlstra’s bezuinigingen wel had kunnen voorkomen. Mooi niet dus.”

Het kabinet besliste vrijdag dat het Letterenfonds moet stoppen met de ondersteuning van literaire tijdschriften omdat die te lage oplages hebben. Jaarlijks verdeelt het fonds 285 duizend euro onder 12 literaire tijdschriften, waarvan sommigen slechts enkele honderden abonnees hebben. Het geld wordt gebruikt om de auteurs een honorarium van 30 euro per pagina te garanderen. Per tijdschriftnummer betaalt het fonds 1500 euro.

Ook De Gids, het oudste literaire tijdschrift van Nederland, is op zoek naar nieuwe bronnen. Dat proces is al een paar jaar bezig, zegt redactiesecretaris Esther Wils. „Wij zetten ons al langer in voor het vinden van sponsoren en mecenassen. Dat is voor een deel gelukt. Zo heeft de Turing Foundation tijdelijk de poëziepagina’s geadopteerd en werd de Gidslezing door het SNS Reaal Fonds bekostigd. We zijn dus op de goede weg. Maar we kunnen nog niet op eigen benen staan. Zijlstra’s aankondiging zorgt dus wel voor onrust.”

Volgens Wils dekt de subsidie van het Letterenfonds de helft van de kosten van De Gids. „Wij krijgen 40 duizend euro per jaar. Die zijn geoormerkt voor de auteurshonoraria. We maken 1000 pagina’s per jaar. Wanneer je ineens met 40.000 euro minder een blad moet maken kan dat dramatische gevolgen hebben.” Vreest Wils het einde van De Gids? „We hopen op de overtuigingskracht van het letterenfonds, en zijn druk bezig met alternatieve plannen. Anders wordt het lastig. Volgend jaar bestaan we 175 jaar. De Gids is daarmee het oudste nog lopende literaire tijdschrift van Europa.”

Suzanne Meeuwissen, binnen het Nederlands Letterenfonds verantwoordelijk voor de binnenlandse subsidies, zegt: „Onze directeur Henk Pröpper praat nog met ambtenaren, want de algehele subsidiestop is wel erg merkwaardig. We hebben de voorwaarden flink aangescherpt de laatste jaren. Zo moesten de tijdschriften zich digitaal meer laten zien en moest men actiever op zoek naar alternatieve financiering. Wanneer daar voor een deel gehoor aan wordt gegeven, en dat nu vervolgens helemaal wordt genegeerd, is dat lastig te verdedigen.”

Volgens Meeuwissen werkt een tijdschriftsubsidie ‘marktcorrigerend’. Zijlstra’s aankondiging kwam hard aan. „Ik heb bij het Letterenfonds nog niet eerder zo’n directieve brief gekregen. Er werd gewoon een eis neergelegd: schaf alles maar af.”

Erik Lindner van Terras blijft strijdbaar. „Crisistijd vraagt om militante initiatieven. Terras wordt uitgegeven bij stichting Perdu, en niet bij een uitgeverij, waar je al snel in een verdomhoekje terecht komt. Wanneer de subsidie verdwijnt, moet je andere wegen zoeken. Terras wil voorbij het hokje van de literatuur kijken naar kunstuitingen met een literaire waarde en plaatst op de website terrasterras.nl ook films. De twee papieren nummers die wij per jaar willen maken, die komen er.”