FNV Bondgenoten lanceert alternatief pensioenplan

Door een onzer redacteuren

Vakbond FNV Bondgenoten heeft gisteren een alternatief plan gepresenteerd voor het nieuwe akkoord over de pensioenen en de AOW. Bondgenoten wil dat pensioenfondsen een buffer aanleggen, zodat grote beleggingsverliezen niet direct worden verrekend met de pensioenen. Ook wil Bondgenoten meer zekerheid voor werknemers over hun pensioenopbouw.

Met het alternatieve plan begint Bondgenoten, de grootste bond (475.000 leden) binnen de vakcentrale FNV, een campagne tegen het principeakkoord van vrijdag. De vakcentrale, die het akkoord met werkgevers en het kabinet sloot, wil de onderhandelingsresultaten snel in een referendum voorleggen aan de 1,4 miljoen leden. Als Bondgenoten meedoet aan dit referendum, zal de bond zijn leden waarschijnlijk adviseren tegen te stemmen.

Het huidige pensioenstelsel staat onder druk wegens de stijgende kosten door de vergrijzing, de stijgende levensverwachting en de financiële crises. Over het akkoord is een jaar moeizaam onderhandeld. De kern is dat werknemers langer doorwerken (tot 66 jaar vanaf 2020 en waarschijnlijk tot 67 jaar vanaf 2025) en de pensioenopbouw meer afhankelijk wordt van de fondsbeleggingen.

Bondgenoten wil dat de fondsen een buffer van 20 procent van hun betalingsverplichtingen opbouwen. De kritiek is dat werknemers voor klappen op de beurs betalen, omdat werkgevers straks geen ‘bijstortverplichting’ meer hebben om fondsen in nood te ondersteunen. Bondgenoten wil dat de fondsen de ‘zekerheidsmaat’ van 97,5 procent voor de pensioenopbouw vasthouden.

Volgens FNV-voorzitter Agnes Jongerius beschouwt Bondgenoten zijn alternatieve plan als „het enig mogelijke model in de pensioenwereld”, terwijl andere FNV-bonden, de vakcentrales MHP en CNV en de werkgevers ook andere varianten willen. „Als Bondgenoten zijn eigen plan bijvoorbeeld in de metaalsector wil uitvoeren, dan mag dat.”

De zekerheid van de pensioenopbouw is gewaarborgd, omdat pensioenfondsen zich met werknemers contractueel vastleggen op ‘indexatie’ (aanpassing aan de koopkracht), zegt pensioendeskundige Chris Driessen van de vakcentrale FNV. „Op die koopkrachtambitie wordt het beleggingsbeleid afgestemd en jaarlijks afgerekend.”

Ook maakt Bondgenoten volgens Jongerius „denkfouten”. De bond veronderstelt bijvoorbeeld dat de toegezegde jaarlijkse extra verhoging van de AOW met 0,6 procent tot 2028 gebaseerd blijft op de AOW-uitkering in 2011. Maar deze verhoging is gekoppeld aan de indexatie van de AOW (aanpassing aan loon- en prijsontwikkeling), bevestigt het ministerie van Sociale Zaken.