Niet elke exoot hoeft dood

Alle buitenlanders het land uit. Daarop begint de omgang met ‘exotische soorten’ te lijken, vinden achttien ecologen die donderdag een opiniestuk in Nature publiceerden. “Soorten indelen naar gelang ze zich houden aan onze culturele normen voor herkomst, burgerschap, fair play en deugdzaamheid is niet bevorderlijk voor ons begrip van de ecologie”, schrijven ze met licht sarcasme.

Steeds vaker wordt er opgetreden tegen ‘invasieve soorten’. Dat die de biodiversiteit schaden, staat tot in het Biodiversiteitsverdrag van de VN. In Nederland bestaat sinds 2009 het Team Invasieve Exoten, dat het ministerie van Landbouw (EL&I) adviseert over het beperken van die schade. We bestrijden de Amerikaanse brulkikker, de Japanse eekhoorn, de Amerikaanse vogelkers en de Oost-Aziatische boktor, om maar wat te noemen. Omdat ze inheemse planten en dieren verdringen, het landschap veranderen of ziektes overbrengen.

“Maar het onderscheid tussen inheemse en exotische soorten bij natuurbescherming wordt steeds onpraktischer en zelfs contraproductief”, vinden de schrijvers van het opiniestuk in Nature. Kortweg: accepteer nu maar dat de natuur verandert door menselijke invloed. Soms geeft dat schade en plagen, maar die kunnen ook van inheemse soorten komen. En in het veranderende landschap kunnen nieuwe soorten ook best nuttig wezen.

De auteurs zijn vooral Amerikanen, onder aanvoering van exotenspecialist prof. dr. Mark Davis, en dus geven ze Amerikaanse voorbeelden. (De in Nederland geboren schelpenspecialist Geerat Vermeij is er ook bij.) Kijk eens naar de tamarisk, een struik uit Zuid-Europa en Afrika. Die wordt in de VS al sinds de jaren 40 bestreden, terwijl hij helemaal niet zo veel water verbruikt als gedacht. En tegenwoordig broedt de zeldzame zuidwestelijke wilgenfeetiran (dat is een zangvogel) in zijn takken.

Is Nederland ook zo xenofoob? De halsbandparkieten in de Randstad worden toch vaak geroemd om hun tropische allure. En nu twee Amersfoortse scholieren hebben ontdekt dat Aziatische lieveheersbeestjes beter luizen eten dan onze eigen -beestjes, lijkt een nieuwe knuffelallochtoon opgestaan. Hester van Santen