Niet bij elk wissewasje naar de psychiater

Het kabinet maakt psychiatrische hulp duurder in de hoop dat mensen er bij ‘klein leed’ geen beroep meer op doen. Psychiaters vrezen dat zwaar zieken de rekening betalen.

Sessies bij een psychiater gaan mensen veel geld kosten, zo wil het kabinet. Achterliggende gedachte, bleek gisteren uit de toelichting van minister Edith Schippers (Volksgezondheid, VVD), is dat dit een aantal mensen ervan zal weerhouden naar de psychiater te gaan.

Een absurde redenering, vindt René Kahn, hoogleraar psychiatrie aan het Universitair Medisch Centrum Utrecht. „Alsof mensen het leuk vinden om naar de psychiater te gaan. Die mensen líjden. Ze willen geholpen worden. En gelukkig kan de psychiatrie hen ook helpen.”

Het kabinet wil per se iets doen tegen de expansieve groei van de geestelijke gezondheidszorg. De afgelopen acht jaar zijn de kosten ervan meer dan verdubbeld. Hoe dat komt, is niet duidelijk. „Misschien is onze samenleving complexer geworden”, opperde Schippers gisteren. „Misschien komen mensen eerder in de knoei.” Waarna ze volgens Schippers te snel een beroep doen op de psychiater. Mensen moeten hun problemen weer vaker „in hun eigen kring uitvogelen”, vindt zij. De geestelijke gezondheidszorg zou alleen voor de echte zieken moeten zijn.

Het is alsof politiek en psychiaters over verschillende mensen praten. De minister heeft het over mensen die eigenlijk niets te zoeken hebben in de psychiatrie. Mensen in de rouw, die echtscheiding of ontslag niet goed kunnen verwerken en ook best door een gewone psycholoog geholpen kunnen worden.

Psychiaters hebben het over ernstig zieke patiënten die zonder behandeling grote problemen krijgen. Zij vinden dat het kabinet deze patiënten laat boeten voor iets waaraan ze niets kunnen doen.

Kahn: „Kijk naar cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie. Psychiatrische stoornissen staan overal ter wereld in de top-10. Het komt gewoon veel voor. Daar kun je mensen toch niet voor gaan straffen?”

Dat het kabinet psychiatrische patiënten wel een eigen bijdrage wil laten betalen voor de zorg die ze ontvangen en overige patiënten niet, is discriminatie en stigmatisering, zeggen psychiaters. Kahn: „Een volstrekt onwetenschappelijke manier van denken. Dit zijn even zieke mensen als mensen met een maagzweer, kanker, wat dan ook.”

Voorzitter Rutger Jan van der Gaag van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie spreekt van „moreel verval”. „Het gaat om een bijdrage van 295 euro voor de zwaarst zieken, mensen met een psychose of een diepe depressie. Dat kunnen zij meestal niet betalen.”

Gevolg zal zijn, zegt Van der Gaag, dat zij zich niet meer laten behandelen. „En dan neemt de maatschappelijke overlast gigantisch toe. De regering laat de oren hangen naar een gedoogpartner die psychiatrie alleen maar aanstellerij vindt.”

Nee hoor, zei Schippers gisteren, de PVV – die versobering van de geestelijke gezondheidszorg in het verkiezingsprogramma had staan – „heeft op deze bezuinigingen niet een groter stempel gedrukt dan andere partijen”.

Komen psychiaters patiënten tegen die niets te zoeken hebben in de psychiatrie? Van der Gaag: „Het is verre van mij om te zeggen dat er in de psychiatrie gevallen van aanstellerij zijn die allemaal maar huis-tuin-en-keukenzorg moeten krijgen.”

Aanpassingsstoornissen als rouw of gespannenheid na een echtscheiding zijn volgens hem geen reden een patiënt naar een psychiater door te verwijzen. Burn-out vindt hij een ander verhaal. „Als het werkgerelateerd is, kan een bedrijfsarts dat af. Dan komt er geen psychiater aan te pas. Maar vaak gaat het om een depressie die goed behandeld moet worden.”

Maar, erkent ook Van der Gaag, de vraag naar geestelijke gezondheidszorg is groot. „We hebben een snelle, geïndividualiseerde maatschappij die een groot beroep doet op de flexibiliteit. Voor sommige mensen is het moeilijker zich te handhaven dan toen het wat langzamer, gezapiger toeging. Mensen met een kwetsbaarheid voor depressie zullen dat wellicht eerder ontwikkelen.”

En dan kunnen zij behalve in een grote instelling ook terecht bij vrijgevestigde psychiaters en bij de vrije praktijken die de afgelopen jaren onder invloed van marktwerking zijn ontstaan. Die laatste hebben volgens Van der Gaag zeker bijgedragen aan de gestegen kosten. „Ze bleven maar declareren en meer patiënten zien.”

Schippers legt de vrijgevestigden nu aan banden: ze krijgen een beperkt budget, net als andere medisch specialisten en ‘oude’ instellingen.

Volgens Van der Gaag is de grootste winst te behalen uit meer hulpverlening via internet, betere samenwerking tussen psychiaters en psychologen, minder opnames in instellingen en meer behandelingen thuis. „Er moet veel vaker kort en krachtig worden ingegrepen.”

Met medewerking van Antoinette Reerink