Kort nieuws Economie

Duitsland: Griekse schuldenlast moet gedeeld worden

Rotterdam. Het Duitse parlement is gisteren akkoord gegaan met een motie waarin staat dat particuliere obligatiehouders en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) de verantwoordelijkheid voor financiële steun aan Griekenland moeten delen. Door het aannemen van de motie komt Bondskanselier Angela Merkel onder grotere druk te staan om maatregelen na te streven die de Europese Centrale Bank (ECB) tot dusverre niet heeft genomen. Minister van Financiën Wolfgang Schäuble stelde voorafgaand aan de stemmingsronde dat het onontkoombaar is om een deel van de verantwoordelijkheid van een Griekse herstructurering bij de particuliere obligatiehouders neer te leggen, en dat het moeilijk in te schatten is hoeveel extra steun Griekenland nodig heeft. Daarnaast erkende Schauble dat de ECB de Duitse oproep voor het betrekken van particuliere investeerders tot dusverre heeft ontmoedigd, waarbij de minister op donderdag al aangaf dat Frankrijk deze Duitse zorgen deelt. (Dow Jones)

Opbrengst beursgang Samsonite valt tegen

Rotterdam. De beursgang van Samsonite op de beurs van Hongkong heeft gisteren minder geld opgebracht dan de koffermaker had verwacht. Met een emissieprijs van 14,50 Hongkong dollar was de opbrengst 9,73 miljard dollar (871 miljoen euro). Dat ligt bijna 2 miljard dollar onder de verwachting van de de verkopende aandeelhouders, private-equityfirma CVC en de Schotse bank RBS. Samsonite moest zijn emissieprijs verlagen wegens een negatief beurssentiment dat alle aandelenmarkten in de afgelopen dagen kenmerkte. De kofferfabrikant, formeel gevestigd in Luxemburg, is niet het eerste westerse bedrijf dat kiest voor een beursgang in Hongkong. De Zwitserse grondstoffenhandelaar Glencore ging er vorige maand al naar de beurs. Het Italiaanse modemerk Prada overweegt dat binnenkort te doen. (NRC)

Importprijzen VS stijgen onverwacht

Rotterdam. De Amerikaanse importprijzen zijn in mei onverwacht gestegen, bleek gisteren uit cijfers van het Amerikaanse ministerie van arbeid. De prijzen van geïmporteerde goederen en diensten stegen met 0,2 procent op maandbasis. Economen vooraf geraadpleegd door Dow Jones gingen uit van een daling van de importprijzen met 0,7 procent. In april stegen de importprijzen op maandbasis met 2,2 procent. De brandstofprijzen daalden in mei met 0,4 procent. Als het effect van de brandstofprijzen niet wordt meegerekend, was er sprake van een stijging van de importprijzen met 0,4 procent. Importprijzen zijn een belangrijke indicator voor de ontwikkeling van het prijspeil in de Verenigde Staten en het tekort op de handelsbalans. (Dow Jones)