Vrijspraak verdachte Mumbai

Een Amerikaanse rechter heeft gisteren een zakenman uit Chicago veroordeeld voor betrokkenheid bij een terroristisch plot tegen de Deense krant Jyllands-Posten. Hij werd vrijgesproken van de verdenking van betrokkenheid bij de terroristische aanslagen in de Indiase stad Mumbai in 2008. Daarbij vielen 160 doden, waaronder zes Amerikanen.

De rechter achtte het bewezen dat de zakenman, Tahawur Rana, „instrumentele steun” had verleend aan plannen voor een terroristische aanslag op Jyllands-Posten, als vergelding voor het afdrukken van cartoons van de profeet Mohammed. In het plan, dat nooit werd uitgevoerd, zouden medewerkers van de Deense krant worden gegijzeld en onthoofd.

De belangrijkste getuige in de zaak tegen Rana, een Canadees, was zijn jeugdvriend David Coleman Headley, een Amerikaan met een Pakistaanse achtergrond. Headley bekende eerder de basis te hebben gelegd voor de Mumbai-acties, die werden opgeëist door de Pakistaanse terreurgroep Lashkar-e-Taiba.

De rechter oordeelde dat Rana (50) steun had gegeven aan Lashar-e-Taiba, maar bracht hem niet in rechtstreeks verband met de aanslagen. De speciale openbare aanklager voor de zaak in India, Ujjawal Nikam, was teleurgesteld. „Hoe kunnen ze hem scheiden van de Mumbai-aanslagen. Het lijkt er op dat dit oordeel enkele schijnbare tegenstellingen bevat.”

De advocaten van de verdediging noemden Headley een onbetrouwbare getuige. Headley zou Rana er in hebben geluisd, in ruil voor strafvermindering. Rana en Headley kenden elkaar van hun schooltijd in Pakistan. Door mee te werken aan het juridische onderzoek, ontloopt Headley de doodstraf en uitlevering. (AP)