Dimon is met zijn verwijten aan verkeerde adres

Jamie Dimon stelde een redelijke vraag – maar koos daarvoor het verkeerde forum. De topman van zakenbank JPMorgan onderwierp voorzitter Ben Bernanke van de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve (Fed), aan een kruisverhoor over de balans tussen kosten en baten van de nieuwe regels voor het toezicht op de Amerikaanse banken. Maar Dimon weet dat die regels door politici zijn gemaakt. Het publiekelijk aan de kaak stellen van Bernanke levert hem of zijn bedrijfstak geen voordeel op.

De waarheid is dat iedere wetgeving die zo vergaand en zwaar is als de Dodd-Frank-Act, met zijn 2.300 pagina’s, altijd onbedoelde negatieve gevolgen met zich zal meebrengen. En niet alleen voor de financiële dienstverleningssector, waarvan het slechte gedrag ingetoomd zou moeten worden. Zoals ook na de Grote Depressie is gebeurd, kunnen haastig verzonnen of politiek slecht doordachte regels de kredietstroom naar consumenten en bedrijven afknijpen, waardoor de economische groei wordt belemmerd.

Dus toen Dimon dinsdag op een forum in Atlanta aan Bernanke, een deskundige over de jaren dertig, vroeg of „iemand de moeite heeft genomen het cumulatieve effect van al deze dingen” te bestuderen, gaf hij uiting aan een redelijke zorg van bankiers en beleidsmakers. Het probleem is dat Bernanke de regels niet heeft gemaakt – dat heeft het Congres gedaan. De Fed is louter belast met de taak ze ten uitvoer te leggen, en Dimon weet dat.

Bernanke leek echter van zijn stuk gebracht. Zijn antwoord, dat de algehele economische gevolgen van de financiële hervormingen niet doorgerekend zijn, lijkt het standpunt van Dimon te schragen. Daarmee kan deze misschien goede sier maken op de beursvloer van Wall Street, waar Dimon bekend staat als de enige resterende topman die nog genoeg geloofwaardigheid en lef over heeft om te durven zeggen waar het op staat. Maar buiten de financiële sector komen zijn woorden anders over. Zij lijken de boodschap van 2006 weer tot leven te wekken, dat de banken de economie gegijzeld houden.

Na de crisis van 2008 behoorden de Wall Street-afdelingen voor het risicobeheer, de hypotheekverstrekking en de kredietderivaten tot de terreinen die erom schreeuwden om gereguleerd te worden. Misschien is het niet zo verrassend dat lobbyisten ervoor hebben gezorgd dat deze hervormingen zijn verwaterd. Er werden ook veel andere regels uitgestippeld, waarvan de kosten inderdaad de buitengewoon bescheiden baten zouden kunnen overtreffen. Dimon heeft dus wel legitieme klachten.

Maar zijn bank en de andere grote zakenbanken worden niet opgesplitst en de nieuwe regels zijn lang niet zo draconisch als ze hadden kunnen zijn. Hij heeft dus ook veel om dankbaar voor te zijn – in ieder geval genoeg om de verleiding te weerstaan de bebaarde boodschapper in het openbaar te fileren.

Rob Cox en Martin Hutchinson

Vertaling Menno Grootveld