Als de hoofdact er is, is succes Pinkpop zeker

Op de festivalmarkt is het vechten om de grote namen die een garantie zijn voor veel publiek. Pinkpopbaas Jan Smeets: „Met Kings Of Leon, Foo Fighters en Coldplay komt het goed.”

Amsterdam. Met het driedaagse Pinkpop wordt morgen het jaarlijkse festivalseizoen weer geopend. In Landgraaf, Limburg, zullen tussen de zestig- en zeventigduizend bezoekers optredens bekijken van artiesten als Foo Fighters, Laura Jansen, Tim Knol en Elbow. Daarmee is de 42ste editie van Nederlands’ oudste popfestival zo goed als uitverkocht.

Vooralsnog lijken popfestivals weinig te merken van crisismalaise. Pinkpop uitverkocht, Concert at Sea uitverkocht, net als Lowlands en nieuwkomer Into The Great Wide Open. De laatste twee waren dat zelfs al voor de programmering bekend was. Om de verhoging van de btw en dus duurdere tickets voor te zijn, begon de kaartverkoop vroeg.

Dat de festivals goed lopen, is opvallend, gezien de toegenomen concurrentie. Onderzoeksbureau Respons (voor vrijetijdsbesteding) berekende dat de festivalmarkt tussen 1995 en 2007 een groei van 40 procent doormaakte, naar een totaal van 700 festival per jaar, en die stijging zet ook de laatste jaren door. De laatste twee jaren zijn ook festivals gesneuveld, maar zoals een woordvoerder van Respons zegt: „Er komen er nog altijd meer bij dan er afvallen.” Geldgebrek kan een reden voor afvallen zijn, want bijdragen van sponsors zijn de laatste tijd verminderd. Maar er is nog een ander probleem: tekort aan bands. Dat klinkt onwaarschijnlijk, maar ondanks de enorme hoeveel bands is het aantal ‘grote namen’ beperkt.

Op de uitdijende markt beconcurreren de festivals elkaar in drie opzichten: publiek, sponsors en populaire bands. Die laatste factor was fataal voor meerdere festivals: Live at Westerpark (in Amsterdam), Beatstad in Den Haag en Pinkpop Classic gingen niet door omdat er geen grote namen meer over waren.

Op het moment dat Pinkpop drie populaire groepen als hoofdact bevestigd had – voor elke dag één – was festivaldirecteur Jan Smeets gerust. „Na 41 jaar weet ik ongeveer hoe het publiek reageert. Met namen als Kings Of Leon, Foo Fighters en Coldplay op je programma, komt het goed.” Om Coldplay te contracteren, heeft Pinkpop een recordbedrag betaald. Smeets wil het precieze bedrag niet noemen, maar zegt dat de Britse band tussen de één en anderhalf miljoen euro krijgt.

Daarmee is de groep van Chris Martin één van de koplopers, met de acht ton voor de Red Hot Chili Peppers (in 2006 ), het miljoen voor Metallica (2008) en de 1,2 miljoen euro voor Rammstein, vorig jaar.

Voor de rest van het programma hield Pinkpop dan nog ruim drie miljoen over, want op het totale budget van tien miljoen is 4,5 miljoen gereserveerd voor het programmeren van de bands, zegt Smeets. De andere 5,5 miljoen is nodig voor veiligheid, camping en productie (podia, techniek, personeel). De winst haalt Pinkpop uit de bijdragen van sponsors, die dit jaar in aantal groeiden (met nieuwe namen als Hi en ANWB). Hun interesse verklaart Smeets vanuit de aandacht voor Pinkpop op televisie, zeven uur in drie dagen, waar sponsors baat bij hebben.

De concurrentie komt tegenwoordig ook uit het buitenland, van vooral Oost-Europese festivals. „Daar zijn de budgetten groot”, zegt Smeets. „De grote namen uit de popwereld weten nu al hoe hun agenda volgend jaar eruit ziet. Dus de festivals maken al vroeg hun verlanglijstje voor de topacts, en hopen dat ze die kunnen binnenhalen.”

Voor Lowlands, 19 tot en met 21 augustus in Biddinghuizen, zijn inmiddels een paar grote namen bekend, zoals Arctic Monkeys en dEUS. Over Lowlands ontstond eerder dit jaar onrust, toen gemeente Biddinghuizen bedacht dat een gat in de begroting gedicht kon worden door hogere toeristenbelasting voor bezoekers van het Lowlandsterrein te heffen. Lowlands zou verhuizen, ‘desnoods naar het buitenland’. „Als de toeristenbelasting hoger wordt, kost het kaartje 20 à 25 euro meer”, zegt een woordvoerder. Dus misschien dat we het volgend jaar anders moeten aanpakken.”