Wij houden van jou, Tracey Emin

Als Tracey Emin over haar leven schrijft is het resultaat stomvervelend, als ze er kunst van maakt is het geweldig. De installatie Feeling pregnant is om te huilen zo mooi. De Britse kunstenares bundelde haar columns en heeft nu een grote tentoonstelling in Londen. Zielig en leuk, een geweldige combinatie.

Het gaat gelukkig goed met Tracey Emin. De Daily Mail heeft laatst nog laten zien hoe de inmiddels 49-jarige kunstenares laveloos door een vriend in een taxi naar huis werd gezet. De witte wijn en wodka-cocktails bij de uitreiking van de GQ Men of the Year Awards waren haar te veel geworden. Een prachtige fotoreportage: borsten poppen uit haar foeilelijke blauwe strapless jurk, die van onderen obsceen omhoog is geschoven. Ze merkt het niet – te dronken.

Zo kennen we Tracey Emin – sinds ze in 1997 opzien baarde in een bloedserieuze tv-discussie door stomdronken iedereen te beledigen en vervolgens weg te lopen. Er is nauwelijks een andere kunstenaar te bedenken die ons zo nauwgezet informeert over haar persoonlijk leven – niet alleen met haar werk, maar ook jarenlang in een wekelijkse column voor het dagblad The Independent. Dat ze vaak dronken is, en niet aan een leuke vent kan komen – ze houdt ons nauwkeurig op de hoogte.

En ze is daarbij betrekkelijk grof gebekt, en dat vindt iedereen vast enig in haar favoriete pub, The Golden Heart in Oost-Londen. Zolang je maar niet de fout maakt haar mee naar huis te willen nemen, natuurlijk. Haar grote kracht, als publiek persoon, is dat ze zo herkenbaar is: een niet zo mooie, en vermoedelijk ook niet zo heel aardige, met drank en het voortschrijden der jaren worstelende vrouw. Tracey Emin zou zó je vriendinnetje kunnen zijn. En tegelijkertijd ben je blij dat ze dat niet is. The best of both worlds.

Het zijn drukke dagen voor haar bewonderaars, tot wie ik mij zeker zou willen rekenen. In Londen is onder de titel Love is What You Want de grootste overzichtstentoonstelling van Tracey Emin tot nu toe geopend. En als My Life In a Column is zojuist een bijna 400 pagina's tellende keuze uit haar columns in The Independent verschenen.

Dat boek is niet te lezen zo saai. Tracey Emin heeft eigenlijk alles in huis voor een interessant leven: een creatieve geest, blijkt uit haar kunst, een vriendenkring die zo’n beetje de hele Londense jetset omvat, en voldoende geld om van alles te ondernemen. Maar in haar columns treedt pijnlijk aan het licht dat ze eigenlijk niets van belang meemaakt.

Op wekelijkse basis was de inmiddels gestaakte column misschien nog te verdragen, maar als boek? Hoe vaak wil je lezen dat Tracey Emin op een feestje zó dronken is geworden dat ze niet meer weet hoe de avond is afgelopen? Af en toe gaat ze in op een uitnodiging van vrienden en dan wordt ze buiten Londen of in het buitenland dronken – dat is zo’n beetje de enige variabele. Verder: Tracey ligt dagenlang alleen in bed, Tracey heeft een goed of een slecht humeur, Tracey houdt erg van haar kat, Tracey piekert over minnaars van vroeger, over haar twee abortussen van meer dan tien jaar geleden, over de verkrachting op haar dertiende, over haar ouders – dit alles tientallen, zo niet honderden malen. Aanvankelijk hoop je nog op scabreuze bijzonderheden over haar dronken geslachtsleven. Maar wat seks betreft is in het in haar leven schraalhans keukenmeester, klaagt de schrijfster bij herhaling. En ook daar heb je de neiging haar op haar woord te geloven. Eerlijkheid kan erg slaapverwekkend zijn.

Zo stomvervelend als het boek, zo geweldig leuk is de overzichtstentoonstelling in de Londense Hayward Gallery. De klik die het alledaagse tot iets belangrijks of interessants kan maken, en die in het boek ontbreekt, is in haar kunst volop aanwezig. In haar kunst gebeurt juist heel veel.

Met de in neon uitgevoerde titeltekst van de tentoonstelling, Love is What You Want, besluit je als toeschouwer natuurlijk meteen om zoveel mogelijk van Tracey te gaan houden. Dat blijkt verrassend eenvoudig. Er is een grote wand met dekens – van die lelijke, dunne dekens uit te goedkope hotels – die van geborduurde teksten in verschillende kleuren zijn voorzien. Maar liefst twaalf hangen er, vervaardigd tussen 1993 en 2008. Samen vormen ze een soort dagboek en, zoals vaker bij Emin, zijn ze het leukst als de boodschap een beetje zielig is. And So I Left uit 2008 gaat over verloren liefde, met teksten als the last great adventure, the end of something real en the past is a heavy place.

Er is een hele zaal met werken in neon, waarvan een onmiskenbare betovering uitgaat en die bijna altijd ook uit teksten bestaan: life without you never, when I go to sleep I dream of you inside me. Dan volgt een aantal vaak vermakelijke video’s. In Riding For a Fall uit 1998 rijdt Emin, onder andere gehuld in cowboyhoed en slecht zittende bh, te paard op het strand de zonsondergang tegemoet. Tegen die tijd is de bezoeker trouwens wel gaan opvallen, dat de erotiek bij Emin er eentje is waarbij mannen wel voortdurend worden toegesproken en genoemd, maar bijna nooit in beeld komen – behalve haar Cypriotische vader af en toe. In de video Love is a Strange Thing uit 2001 komt ze ‘de man’ tegen in de vorm van kwijlende bulldog, die overduidelijk voor haar valt: hij kijkt hartverscheurend en wil steeds maar pootjes geven. De kunstenares oogt helemaal klaar voor de liefde: in een prachtige sexy jurk en op rode hoge hakken. „Maar jij bent een hond!”, zegt ze dan tegen de potentiële minnaar en loopt hardvochtig door.

Naarmate de expositie meer expliciet seksueel wordt – en dat wordt ze met zalen vol voorwerpen die herinneren aan reisjes met mannen, een zaal over het trauma van de abortussen – gaat meer opvallen dat de erotiek in het werk van Emin vooral auto-erotiek is, waarin mannen de rol van object van verlangen of bron van verdriet spelen, maar niet echt optreden. Helemaal duidelijk is dat bij de vele tekeningen waarop Emin zichzelf masturberend afbeeldt, of waarop er na een abortus bloemetjes uit haar vagina komen (Saying Goodbye to Mummy, 2002) die misschien wel de mooiste werk zijn van de expositie.

Maar daarvoor zit nog het zaaltje waar de kunstenares haar intimiteit het meest onverschrokken aan de orde stelt. Hier staat de vitrine met gebruikte tampons (History of Painting, 1999), waaraan de meeste bezoekers quasi-verstrooid en met de blik licht panisch gevestigd op de tekeningen aan de muur voorbij lopen.

Dat is al leuk, maar om te huilen zo mooi is de installatie Feeling Pregnant (1999-2002). Omringd door schattige babyschoentjes, babykleertjes en gebruikte zwangerschapstests hangt daar het handgeschreven, aandoenlijke verhaal van maandelijkse paniek rond het onderwerp ‘kind’. Omdat ze elke maand het gevoel heeft dat ze over tijd is, wordt ze elke maand door tweestrijd bevangen. Romantische dromen over een kindje strijden met heftige scenario’s over de organisatie van een nieuwe abortus, totdat de kunstenares – ’s nachts woelend in bed – de vreemdste lustdromen heeft. En dan elke maand weer de anticlimax: de test zegt ‘nee’. Ze kan het dus wel, schrijven.

Op de expositie ontbreken twee van haar bekendste werken. Het geruchtmakende onopgemaakte My Bed waarmee ze in 1997 opging voor de Turner-prijs wilden de eigenaren ervan, de Saatchi Gallery, niet afstaan omdat ze er andere plannen mee hadden. Het bekende tentje met aan de binnenkant geborduurd alle namen van de mannen met wie ze naar bed was geweest (Everyone I have Ever Slept With 1963-1995, 1997) is in 2004 bij een brand verloren gegaan.

Aan het eind zijn er nog zalen met grotere schilderijen en installaties. Dat is niet het sterkste onderdeel. Als je niet beter wist zou je soms denken dat ze door iemand anders zijn vervaardigd – wat bij kunst die het zo sterk van de autobiografie moet hebben, een bezwaar is. Je zou natuurlijk ook kunnen zeggen dat de onmacht om haar thema’s naar een minder huiselijk en hoger, symbolisch plan te tillen iets zegt over de grenzen van haar kunstenaarschap. Je bewondert haar omdat je dingen herkent, niet omdat je wordt meegenomen naar associaties of perspectieven waarvan je het bestaan niet vermoedde.

Maar ach, wat geeft het. Op weg naar de uitgang kom je nog eenzelfde neon hart tegen als van het logo van de expositie, alleen met een andere tekst, die een verwijt aan een minnaar lijkt: You forgot to kiss my soul. Tja Tracey, jij kuste onze ziel misschien ook wel niet. Maar maak je niet bezorgd, we houden toch van je. We nemen je alleen niet mee naar huis.

‘Love is What You Want’. T/m 29/8 in Hayward Gallery, Londen. Dagelijks 10-18, di en do 10-20 uur. Inl: southbankcentre.co.ukVan Tracey Emins columns uit The Independent is een selectie gebundeld: ‘My life in a column’. (Uitg. Rizzoli, NY, 352 blz.)