Is cola light gevaarlijk?

Sanne van der Steen uit Rotterdam houdt erg van cola light. Maar in dit drankje zit aspartaam. En over die zoetstof gaan enge verhalen op internet. Is aspartaam werkelijk gevaarlijk?

Nee. Dat is een oude mythe. Volgens de spookverhalen zou je zelfs hersentumoren van aspartaam krijgen. Zoiets is in tientallen jaren en honderden wetenschappelijke studies nooit bewezen. De studies die wel een verband suggereerden, bleken onbetrouwbaar.

Je lichaam zet een klein gedeelte van aspartaam om in methanol. Te veel methanol is niet goed. Maar ‘te veel’ is in dit geval: honderden flessen cola light in één slok. Dat lukt je niet. En sinaasappelsap is gevaarlijker. „Aspartaam”, adviseert het Voedingscentrum daarom, „is een veilige zoetstof zolang het gebruik onder de Aanvaardbare Dagelijkse Inname (ADI) blijft”. Je moet wél oppassen met cola light als je de stofwisselingsziekte phenylketonurie hebt, want dan kun je niet goed tegen fenylalanine. En je lichaam zet aspartaam voor de helft om in fenylalanine (vandaar de zin: ‘bevat een bron van fenylalanine’). Maar als je die ziekte hebt, is melk nog gevaarlijker.

Waarom dan die angstverhalen? Omdat er ook altijd mensen zullen zijn die geloven dat vaccinatie tegen de mazelen autisme veroorzaakt; dat je borstkanker krijgt van deodorant of hersenschade van je mobieltje.

Zeven jaar geleden stond in het antikwakzalversblad Skepter een stuk over de legende (‘Broodje aspartaam’). Het artikel noemt een e-mail-hoax van rond de eeuwwisseling, waarin aspartaam de oorzaak is van het ‘Golfoorlogsyndroom’ (die militairen dronken veel cola light, nietwaar). Dit jaar dook het verhaal op in de bestseller Wat zit er in uw eten? van Corinne Couget. En wie nu via Google zoekt op ‘aspartaam’, krijgt als eerste suggesties:

aspartaam gevaarlijk

aspartaam bijwerkingen

aspartaam klachten

De Europese voedselveiligheidsautoriteit (EFSA) kondigde dit voorjaar een nieuw onderzoek aan naar de veiligheid van aspartaam. Zo’n onderzoek is standaardprocedure met additieven, maar is waarschijnlijk ook voer voor nieuwe angst.

Arjen van Veelen