Postuum succes voor de vrije tv van Willem Duys

Er zitten opmerkelijke kantjes aan de hausse in media-aandacht voor het televisiewerk van Willem Duys. Zo begon die al een paar weken voor zijn dood met een hommage in de duizendste, geheel aan de talkshowpionier gewijde aflevering van De wereld draait door (VARA).

Toen Duys op Hemelvaartsdag overleed, was dezelfde avond al een necrologie te zien, met reacties van bijvoorbeeld een zeer geëmotioneerde Mies Bouwman. Het was goed werk van Han Peekel, die op zijn eigen digitale kanaal Best24 voortdurend bezienswaardige compilaties samenstelt uit het televisiearchief van Beeld en Geluid.

Het kan niet anders dan dat er het nodige voorwerk was verricht voor dit programma, dat zonder aankondiging in de programmabladen toch zeer hoge kijkcijfers haalde. Er keken een miljoen mensen en na middernacht nog eens een kleine 300.000 naar de herhaling.

Vijf dagen later bleek die snel gemonteerde herdenking slechts een voorstudie te zijn geweest van Willem Duys Voor de vuist weg (AVRO), dat dieper graaft, ook in de archieven. Ik dacht de bewaarde hoogtepunten uit de eerste Nederlandse talkshow nu wel zo’n beetje te kennen, maar Peekel vond in korte tijd veel nieuw oud beeld. Ook reconstrueerde hij aan de hand van foto’s, krantenartikelen en getuigenissen verloren hoogtepunten, zoals de confrontatie met kruidendokter Van de Moosdijk, het gesprek met lsd-propagandist Bart Huges (letterlijk met een gaatje in zijn hoofd) en het gedenkwaardige incident, vermoedelijk in 1964, na een gesprek met de regisseur van patriottische massaspelen Carel Briels. Ter ondersteuning van Briels’ tirade tegen de linkse pers stond Duys op, knoopte zijn jasje dicht en hief het Wilhelmus aan. De combo van Ruud Bos speelde in reactie de tune van het door De Telegraaf verfoeide satirische programma Zo is het....

Peekels herdenkingsprogramma draagt bouwstenen aan voor een verklaring van het feit dat nu rechts en links Duys op handen dragen. De televisiecultuur was voor zijn komst radio met een plaatje. De omroepen stonden wantrouwend tegenover een personality show, stelt mediahistoricus Huub Wijfjes. Maar toen Duys eenmaal had laten zien wat je met televisie doen kon, kreeg hij alle ruimte, om te improviseren en soms wel een uur uit te lopen.

In een dichtgetimmerd tijdperk ademde de televisie feitelijk meer vrijheid dan nu. Maar er waren slechts enkelingen getalenteerd genoeg om daar iets zinnigs mee te doen: Duys, Mies Bouwman, later Ischa Meijer en Matthijs van Nieuwkerk.

De meeste presentatoren behoeven een strenge redactie en formattering, zodat veel praatprogramma’s nu minder spontaan zijn. Ook die traditie van degelijke voorbereiding, laten we zeggen van Sonja Barend, heeft recht van bestaan. Maar het postume succes van Willem Duys wijst op een voorkeur van het kijkerspubliek.