Homburg zelf biedt nu op Homburg

Aandeelhouders in Homburg Invest begrijpen niets meer van naamgever Richard Homburg. Nu wil hij het bedrijf van de beurs halen.

Zou de belegger in vastgoedfonds Homburg Invest nog iets snappen van de gangen van naamgever Richard Homburg?

In de afgelopen maanden nam de oprichter van het beursgenoteerde vastgoedbedrijf een paar besluiten die op het oog geheel tegenstrijdig zijn.

Eind maart besloot hij zich, elf jaar na de oprichting van zijn Canadees-Nederlandse bedrijf, terug te trekken als ‘bestuursvoorzitter CEO en directeur’ van Homburg Invest. Hij bleef met ruim 46 procent van de aandelen grootaandeelhouder van het fonds, dat zowel in Amsterdam als in Toronto een notering heeft. Middels een ‘tweeklassenstructuur’ heeft dat belang zelfs 72,5 procent van het stemrecht. Een maand geleden maakt hij bekend dat hij bereid was dat controlerende belang op te geven in het bedrijf dat hij in 2000 oprichtte na de verkoop van zijn eerdere vastgoedfonds, Uni-Invest.

Gisteren volgde er onverwacht een nieuwe stap in de toekomstige betrokkenheid van de oprichter. Hij bracht een openbaar bod uit op alle aandelen van Homburg Invest die hij nog niet in bezit heeft. Met het bod van 2,27 euro per aandeel wil Homburg van zijn bedrijf weer een private vennootschap maken, allicht gecombineerd met zijn al bestaande privébedrijf Homburg Canada Inc.

Homburg wil weg van de beurs, zoveel is duidelijk. Weg van de effectenbeurzen waar hij in het afgelopen decennium zoveel geld wist op te halen om zijn vastgoedinvesteringen mee te kunnen financieren. Volgens eigen opgaaf heeft Homburg Invest een portefeuille opgebouwd van zo’n 4 miljard Canadese dollar (ruim 2,7 miljard euro).

Op de achtergrond speelt er iets anders, dat de plotselinge desinteresse van Homburg voor zijn belangrijkste financieringsbron kan verklaren. Hij ligt al maanden overhoop met de Nederlandse beurstoezichthouder. Vorig jaar september legde de AFM een zogeheten last onder dwangsom op van maximaal 80.000 euro omdat Homburg in de ogen van de toezichthouder geweigerd had afdoende informatie te geven over de ingewikkelde structuur van de vele vennootschappen van Homburg Invest. In december volgde een boete van 190.000 euro voor het gelieerde bedrijf Homburg Capital BV, wegens een vermeende overtreding van de vergunningplicht voor financiële dienstverleners.

Eind mei, twee weken na Homburgs besluit om zijn zeggenschap af te bouwen, bleek dat de AFM erop had aangedrongen dat „controlerend aandeelhouder Richard Homburg niet langer zal fungeren als medebeleidsbepaler en invloedrijk persoon binnen de onderneming”. Motivatie van deze rode kaart is een privéconflict dat Homburg heeft met de Nederlandse belastingdienst over „lopende belastingaangiftes”. Zowel de aangesproken vennootschappen als Homburg privé weerspreekt de aantijgingen door de AFM.

Het gisteren uitgebrachte bod lijkt een poging te zijn van een opgejaagde topman die niets meer met de beurs te maken wil hebben. Of al die andere beleggers zich tevreden mee kunnen stellen is twijfelachtig. De geboden 2,27 ligt ruim 50 procent boven het laagste niveau van de afgelopen twaalf maanden. Maar nog geen jaar geleden noteerde het aandeel nog boven de 4 euro, en begin 2006 nog het tienvoudige daarvan. Maar toen moest de internationale vastgoedcrisis nog beginnen.