Britten zonder kaartje

De Britse staatssecretaris Robertson is ondanks de chaotische kaartverkoop vol vertrouwen over de Spelen. „Ik begrijp de frustratie, mijn vrouw en zoon hebben ook geen kaartjes.”

De staatssecretaris van Olympische Zaken weet welke vraag gaat komen. Ruim 1,8 miljoen Britten hebben geen kaartje voor de Zomerspelen van volgend jaar in Londen weten te bemachtigen, zo werd gisteren bekend. Dat betekent dat minder dan de helft van de Britten die zich hadden ingeschreven voor een of meer van de 6,6 miljoen beschikbare kaarten wel geluk had bij de verloting van de olympische kaartjes.

„Dit zult u leuk vinden om te horen”, begint Hugh Robertson het gesprek. „Als staatssecretaris heb ik natuurlijk een pas waarmee ik overal kan komen. Maar dat geldt niet voor mijn familie. Ik kan geen ander land bedenken waar de staatssecretaris, die al zeven jaar met dit project bezig is, zich ook moest inschrijven. Hoeveel kaartjes denkt u dat ik heb? Niet één. Mijn vrouw en zoon kunnen het resultaat van mijn werk niet meemaken.”

Ze hadden graag naar de kwalificatieronden voor de 100 meter, het koningsnummer bij atletiek, en paardensportwedstrijden gewild. „Ik begrijp dat het frustrerend is. Maar niemand is van tevoren met een beter verkoopsysteem voor de tickets gekomen.”

Bedoelt hij daarmee te zeggen dat de kaartverkoop vlekkeloos is verlopen? Nee, dat niet. Maar het goede nieuws is volgens Robertson dat de vraag het aanbod overtrof, terwijl „we ons vooraf zorgen maakten dat er niet genoeg belangstelling zou zijn”. Er zullen geen lege stadions zijn en „dat is wat de sporters graag zien”. In dat opzicht is het „een teken van succes”.

Er zijn nog 415 dagen te gaan voor de Olympische Spelen in Londen beginnen, ruim een jaar. Robertson is tevreden. Zeven jaar geleden zat hij in de oppositie en dacht hij dat het nooit mogelijk zou zijn alles op tijd af te krijgen.

Robertson: „Ik was in 2005 in wat nu het Olympisch Park is. Toen was het nog het grootste industriële braakliggende terrein binnen de ringweg om Londen. Iets verderop werd een halve ton beton neergegooid en zaten we daar in een enorme stofwolk.”

Nu, zegt hij, is 84 procent van de stadions af. Bovendien is ‘Londen 2012’ tot nu toe binnen het budget gebleven. Het Internationaal Olympisch Comité concludeerde bij de laatste inspectie dat Londen op schema ligt. „Ik wil niet claimen dat we binnen zijn, nog geenszins. Er moet nog veel gebeuren.”

Zijn ministerie, het organiserend comité en de gemeente Londen zijn druk bezig met de logistiek. Behalve de 6,5 miljoen kaarten die moesten worden verkocht, moeten er 7.000 vrijwilligers worden aangenomen (uit 250.000 sollicitanten) en worden getraind, „zodat er uiteindelijk 26 toernooien tegelijkertijd kunnen worden gehouden”.

Naar verwachting 4 miljoen toeristen zullen de hoofdstad bezoeken tijdens de Spelen. De prijzen voor hotelkamers worden nu al verhoogd, en kamers zullen schaars zijn. Robertson heeft wel een suggestie: „Het slimste is buiten Londen te logeren. Er komt een snelle shuttleverbinding naar het Olympisch Park, en die eindigt in Kent. Daar zijn talloze hotels.” Robertson is parlementslid namens dit kiesdistrict.

Zijn grootste zorgen betreffen transport en veiligheid. Om te voorkomen dat Londen stil komt te staan, zullen bedrijven worden aangemoedigd werknemers thuis te laten werken en voorraden „op niet-olympische tijden” te laten bezorgen. Wegwerkzaamheden worden uitgesteld en aan vernieuwing van metrolijnen wordt gewerkt.

Robertson wil niet ingaan op de veiligheidsmaatregelen die worden genomen, maar zegt ervaring te hebben op dat gebied. Hij was majoor in het Britse leger en diende onder meer in Sarajevo en Noord-Ierland: „Je ontspant nooit. We weten wat de dreiging is. Maar ik heb alle vertrouwen in de maatregelen.”

En is regen geen zorg? Bij een typische Britse zomer hoort een bui en de mededeling ‘rain has suspended play’. „Oh, begin daar niet over”, zucht de staatssecretaris. En hij lacht.