Kinderopvang zoals Kamp dat graag ziet

Minister Kamp bezuinigt 1,5 miljard euro op de 10 miljard die hij jaarlijks uitgeeft aan ouders en kinderen. Gezinnen moeten meer kosten gaan dragen.

Gjalt Jellesma komt net terug uit Finland. „Daar betaal je hoogstens 200 euro per maand voor vijf hele dagen kinderopvang!” Benijdenswaardig, vindt hij.

Jellesma is voorzitter van Boink, belangenvereniging van ouders in de kinderopvang. Hij noemt de gisteren aangekondigde bezuinigingen op de opvang en ondersteuning van kinderen „echt onvoorstelbaar”. In crisistijd moet iedereen inleveren, dat begrijpt hij wel, „maar dit is het derde jaar op rij dat ouders meer moeten betalen voor kinderopvang”.

Minister Kamp (Sociale Zaken, VVD) gaat 1,5 miljard euro bezuinigen op de overheidssteun aan ouders met kinderen. Het kabinet beperkt de kinderopvangtoeslag (de vergoeding die ouders krijgen voor de kosten van kinderopvang) en schrapt drie fiscale regelingen die ouders met kinderen ondersteunen. Zonder ingrijpen zouden de kosten oplopen van 10 miljard vorig jaar tot 11 miljard in 2015.

De bezuinigingen zullen alle gezinnen pijn doen, zegt Kamp. „Het gaat hier tenslotte om een bezuiniging van gemiddeld 400 euro per kind per jaar”, schrijft hij de Tweede Kamer.

Het deel van de kinderopvangkosten dat ouders zelf betalen, stijgt van gemiddeld 22 naar 34 procent. Zo was het oorspronkelijk ook bedoeld, zegt Kamp. Overheid, ouders en werkgevers zouden elk een derde van de kosten op zich nemen. De bezuinigingen treffen 533.000 gezinnen met samen 822.000 kinderen. Door de complexiteit van de uiteenlopende maatregelen is het nu nog onmogelijk om per gezin precies uit te rekenen hoeveel duurder het levensonderhoud wordt.

Achter de bezuinigingen zitten meer gedachten dan alleen de voortdurende kostenstijging voor de overheid, legt Kamp uit. Zo vindt hij de regelingen om ouders te ondersteunen te ingewikkeld. Nu bestaan er liefst twaalf zogeheten kindregelingen (van kinderbijslag tot het kindgebonden budget, en van de aftrek levensonderhoud kinderen tot de alleenstaande ouderkorting). Kamp: „Daar begrijpt geen mens meer iets van.’’

De regelingen werken elkaar soms ook tegen. De ene is er voor ondersteuning van mensen met weinig geld. De ander beoogt ouders meer uren te laten werken. Maar een alleenstaande ouder met een bijstandsuitkering die een baantje vindt, krijgt soms minder te besteden. Die was, dank zij de toeslagen die ze kreeg als uitkeringsgerechtigde, voordeliger uit in de bijstand. In de huidige situatie lijkt er dus een straf te staan op werken. Kamp zegt zo te gaan bezuinigen dat werken echt loont.

De minister wil dat meer ouders werken. Maar volgens critici bemoeilijkt hij dat met bezuinigingen op de kinderopvangtoeslag. „Meer werken levert veel gezinnen straks niets extra’s op als ze daarbij hogere kinderopvangkosten krijgen’’, meent Jellesma van Boink. De oppositie verzet zich ook. „Kamp jaagt ouders de arbeidsmarkt af. Bezuinigen op kinderopvang is dom”, vindt Kamerlid Ineke van Gent (GroenLinks).

Volgens Kamp valt dat wel mee. Slechts 0,1 procent van de werkende ouders zou stoppen met werken of geen baan meer zoeken. Dat gaat maar om 8.500 mensen.

Kamp schrapt ook drie fiscale regelingen die ouders met kinderen ondersteunen. Zo kunnen ze de kosten van het levensonderhoud van kinderen per 2012 niet meer van de belasting aftrekken. Ook verdwijnt de korting die inkomensverlies beperkt van mensen met ouderschapsverlof. Opvallend is dat de kinderbijslag ongemoeid blijft. Volgens D66 had de minister de kinderbijslag beter inkomensafhankelijk kunnen maken.