ik@nrc.nl

Met mijn hond wandel ik langs de beek. Vanaf de andere kant komt een vrouw aanlopen met zeven loslopende mini-collies. Met z’n allen rennen ze op ons af. Een van de honden bijt me venijnig in mijn kuit. „Hee, die hond bijt”, roep ik tegen de vrouw. „Ja”, zegt ze verwijtend, „ze bijt alle mannen die ze tegenkomt, want die hebben haar mishandeld. Geef haar maar een schop als ze het weer doet. Mij beet ze vroeger ook, maar dat doet ze niet meer, alleen alle mannen nog. Wees maar blij dat het geen grote Rottweiler is, want dan had je wel anders gepiept.” En ze loopt door.

Mijn hond zit op me te wachten. Net zo sprakeloos als ik.

Peter Veen