Als crisis geld kost mag de EU wél helpen

In crises willen EU-lidstaten dat ‘Brussel’ bijspringt – ook landen die vaak sceptisch zijn over EU-inmenging. Spanje en Nederland trekken samen op voor EHEC-compensatie.

De Spaanse minister van Landbouw Rosa Aguilar is vooral boos op Duitsland, maar ze neemt haar woede mee naar heel Europa. In Luxemburg houden de 27 EU-landbouwministers vandaag een spoedvergadering over de EHEC-crisis.

Spanje eist „honderd procent compensatie” van de Duitsers, die vorige week ten onrechte suggereerden dat Spaanse telers de bron waren van het dodelijke EHEC-virus. Volgens de Spaanse telers loopt de schade in honderden miljoenen per week.

Madrid wil dat geld ‘terug’ krijgen via de Europese Unie. Aguilar waarschuwde dat ze „alle cijfers” over de schade voor Spanje in Luxemburg op tafel zal leggen.

Daarmee is de EHEC-crisis niet langer een Spaans-Duitse woordenwisseling, maar een politieke en financiële kwestie voor de Europese Unie . Naar verwachting doet de Europese Commissie vandaag in Luxemburg een voorstel voor een een EU-noodfonds. Brussel zou via dit noodfonds groenten als komkommers en paprika’s gaan opkopen die boeren en telers niet kwijt kunnen op de markt.

In crisistijd willen EU-lidstaten dat ‘Brussel’ bijspringt – ook landen die vaak sceptisch zijn over inmenging door de EU. Nederland, dat geregeld pleit voor lagere EU-uitgaven, zit ditmaal samen met Spanje in een ‘initiatiefgroep’ van landen voor het noodfonds voor getroffen tuinders.

Voor Nederland is het landbouwbeleid een Europese zaak – en dus moet de compensatie van de agrarische sector dat ook zijn, zegt een woordvoerder van staatssecretaris Bleker (Landbouw). Nederland gaat ervan uit dat een dergelijke opkoopregeling „uit bestaande middelen” kan worden betaald en dat de EU-begroting dus niet omhoog moet, aldus de woordvoerder.

Een wettelijke basis voor een opkoopregeling bestaat nog niet in de Europese regelgeving. Daarin is wel compensatie voor onder meer melkveehouders en veetelers voorzien, maar niet voor groententelers. De Commissie werkt nu in alle haast aan uitbreiding van deze wettelijke mogelijkheid tot de groentensector.

Zo leidt het EHEC-virus, zoals menige voedsel-en gezondheidscrisis in het verleden, tot méér activiteit van de Europese Unie. De oprichting in 2002 van Europese Voedselveiligheidsautoriteit was een gevolg van voedselcrises in de jaren negentig, waaronder de gekkekoeiencrisis. EU-lidstaten reageerden aanvankelijk op die crisis door elk hun eigen markt af te sluiten, wat grote economische schade veroorzaakte.

De SARS-uitbraak van 2003 resulteerde in 2005 in de oprichting van het Europees Centrum voor Ziektepreventie en -bestrijding. Dit centrum adviseerde EU-lidstaten in 2009 in de bestrijding van het Mexicaanse griepvirus H1N1. Maar toen werd duidelijk dat Europese landen heel verschillend omgingen met de vaccinatie tegen de griep. Gezondheidszorg blijft een bevoegdheid van nationale staten. Het toenmalig Belgisch EU-voorzitterschap concludeerde dat er „meer coördinatie” op Europees niveau nodig was.

Ook nu klinkt weer de roep om een grotere rol van ‘Brussel’. Het kan niet zo zijn, zegt Spanje, dat Duitsland zomaar roept dat een virus uit Spanje komt – en dat de Europese Commissie die boodschap zomaar overneemt. Dat was wat er vorige week gebeurde. Volgens de EU-regels informeerden de Duitsers de Commissie over hun aanvankelijke – foutieve – bevindingen. De besmettingshaard van de darmbacterie lag in Spanje, kreeg de Commissie te horen. Zonder zélf uit te zoeken of dat zo was, wees ook de Commissie Spanje aan als boosdoener.

Dat moet anders, vindt Spanje. Minister van Gezondheid Leire Pajin maakte gisteren duidelijk dat de Commissie zelf de gegevens die ze van lidstaten krijgt moet verifiëren. „Het waarschuwingssysteem voor voedsel van de EU moet worden verbeterd en versterkt”, aldus Pajin. De Commissie lijkt te luisteren naar de kritiek. Eurocommissaris John Dalli (Gezondheid) zei gisteren het waarschuwingssysteem tegen het licht te zullen houden. Met als waarschijnlijke conclusie: meer EU-toezicht.