Minder bezuinigingen op openbaar vervoer, stakingen gaan door

De door openbaar vervoersbedrijven zwaar bekritiseerde bezuinigingen op het ov in de drie grote steden worden verlaagd. Dat maakte minister van Infrastructuur Melanie Schultz van Haegen vanmiddag bekend.

Amsterdam, Rotterdam en Den Haag hoeven 23 miljoen euro minder te bezuinigen, schrijft de minister vanmiddag in een brief aan de Kamer. het schrijven maakt geen indruk op de bonden; de aangekondigde stakingen van morgen gaan door.

Bonden blijven zich verzetten: druppel op gloeiende plaat

Het kabinet fors korten op het openbaar vervoer. Dit leidde eerder al tot meerdere stakingen door de vervoersbedrijven in de G3 steden. Het oorspronkelijke plan van de minister dat de steden het ov moeten aanbesteden, zodat ook spelers op de markt zoals internationale bedrijven kunnen bieden, blijft overeind.

Schultz van Haegen meent dat hierdoor efficiënter gewerkt kan worden, maar de vervoersbedrijven zijn bang dat hierdoor flink wat banen verloren gaan. Dit moet 120 miljoen euro opleveren. Daarnaast krijgen de drie grote steden 45 miljoen euro minder van het rijk voor onder meer het openbaar vervoer.

De vakbonden blijven zich verzetten tegen de kabinetsplannen omdat die ten koste zouden gaan van de kwaliteit van het ov. Ook zouden de maatregelen niet tot kostenbesparingen leiden. De bonden noemen de handreiking van de minister een druppel op de gloeiende plaat.

‘Connexxion en Arriva zullen GVB, HTM en RET de nek omdraaien’

Het is volgens Abvakabo en FNV Bondgenoten zeker niet genoeg om de stakingsplannen te schrappen. De aangekondigde bezuinigingen leiden er volgens de bonden toe dat zeker 1.500 banen verdwijnen bij de GVB, 1.000 bij de RET en 500 bij HTM. Ook worden bus-, tram- en metrolijnen geschrapt.

Bovendien is het volgens Abvakabo een denkfout dat de aanbesteding 120 miljoen euro oplevert, omdat daardoor het openbaar vervoer in de grote steden waarschijnlijk in handen komt van de grote vervoerders Connexxion en Arriva. Daardoor houden GVB, HTM en RET op te bestaan en dat kost geld, zegt de bond.