Pakistan: Al-Qaeda-leider omgekomen

Bij een raketaanval van de VS is vrijdag vermoedelijk Ilyas Kashmiri omgekomen. Zijn dood lokte dit weekeinde meteen vergeldingsacties uit.

In Pakistan is met bijval gereageerd op de hoogstwaarschijnlijke dood van Muhammad Ilyas Kashmiri, een van de belangrijkste terroristenleiders in het grensgebied met Afghanistan. Kashmiri (47), is volgens Pakistaanse regeringsfunctionarissen vrijdagavond vrijwel zeker gedood bij een Amerikaanse raketaanval met een onbemand vliegtuigje.

De dood van Kashmiri, een groot succes voor de VS na de uitschakeling van Osama bin Laden, heeft onmiddellijk vergeldingsacties uitgelokt. Gisteren kwamen zeker achttien burgers om bij een aanslag bij een bakkerij in Nowshera. Eerder werden zes mensen gedood toen een bom ontplofte bij een bushalte in een buitenwijk van Peshawar.

De drone-aanval van vrijdag toont dat recente Amerikaans-Pakistaanse geschillen niets hebben afgedaan aan de vastberadenheid van Washington dergelijke omstreden aanvallen in het Pakistaanse grensgebied met Afghanistan voort te zetten. Vanochtend werd zeker zestien verdachte extremisten gedood bij raketaanvallen in de buurt van Wana, de belangrijkste stad in Zuid-Waziristan waar veel strijdgroepen van Al-Qaeda, de Talibaan en verwante groeperingen zich schuilhouden.

In Pakistan is recentelijk fel geprotesteerd tegen de Amerikaanse drone-aanvallen en de aanwezigheid van CIA-agenten. Maar uit de reacties op de dood van Kashmiri blijkt dat het verzet beperkt is. Kashmiri’s naam stond op een lijst van vijf terroristenleiders die de VS onlangs aan Pakistan hadden overhandigd. Volgens sommige berichten heeft Pakistan geholpen bij het traceren van Kashmiri. In de Pakistaanse media wordt zijn dood een belangrijk succes genoemd in de strijd tegen terreur, waarvan Pakistan zelf in de eerste plaats het slachtoffer is. Pakistan moet zijn houding van permanente ‘ontkenning’ afleggen, stelt de Daily Times. „Het wordt tijd om ons te ontdoen van veel meer Kashmiri’s die vrijelijk ronddolen in Pakistan.”

Amerikaanse inlichtingenbronnen rekenden Kashmiri, commandant van de zogeheten Brigade 313, een factie binnen de terreurgroep Harkat-ul-Jihad al-Islamin, tot het regionale topleiderschap van Al-Qadea in het grensgebied met Afghanistan. Kashmiri was een typische Pakistaanse moslimstrijder. Aanvankelijk werd hij getraind en gesteund door de Pakistaanse geheime dienst voor het voeren van een vuile oorlog ‘op afstand’ in Afghanistan (tegen de Sovjetbezetters), en later vanuit Kashmir, tegen aartsvijand India. In de jaren 90 zat hij twee jaar gevangen in India, maar wist te ontsnappen. In 2000 bracht hij het afgehakte hoofd van een Indiase soldaat uit India’s Kashmir mee naar Pakistan.

Na ‘9/11’ verbrak oud-president Musharraf onder Amerikaanse druk officieel de banden met Harkat-ul-Jihad. Aangenomen wordt dat Kashmiri’s groep zich rond 2005 in het Pakistaanse stammengebied vestigde en dat zijn invloed sindsdien toenam in het aan Al-Qaeda gelieerde netwerk daar. Zijn naam wordt in verband gebracht met aanslagen of pogingen daartoe in India, de VS, Europa en in Pakistan. Volgens de vorige week vermoorde Pakistaanse journalist Saleem Shahzad zat Kashmiri ook achter de terreuraanvallen in het Indiase Mumbai, eind 2008.