Onrust in het land van de kuuroorden

Ruim twintig doden en tweeduizend besmettingen heeft de EHEC-bacterie al veroorzaakt in Duitsland.

Niet komkommer, maar taugé lijkt nu de bron.

Joost van der Vaart

De radeloosheid en machteloosheid in het gezondheidsbewuste Duitsland worden steeds groter. Nog steeds hebben de autoriteiten geen greep op de besmettelijke en agressieve darmbacterie EHEC, die mogelijk al aan twintig mensen het leven heeft gekost. Artsen zijn vertwijfeld omdat nog onbekend is wat de herkomst van de bacterie is. De laatste berichten wijzen naar taugé als bron.

Ondertussen liggen de ziekenhuizen in Noord-Duitsland, waar de epidemie begon, vol patiënten van wie velen levensgevaarlijk ziek zijn. De kans op infectie neemt toe; zo ook de crisissfeer.

Het land van de kuuroorden, van de uitgebreide en technisch perfecte maar organisatorisch onoverzichtelijke zorg, van de talloze praatprogramma’s over lijf en ziel – dat land is in grote verwarring geraakt door de EHEC-bacterie. Deze gemuteerde vorm van E.coli-bacteriën levert zoveel raadsels op dat de Duitse gezondheidsautoriteiten met de handen in het haar zijn komen te zitten. Een zichtbaar overwerkte arts uit Hamburg, waar de epidemie is begonnen, zei dat zijn ziekenhuis nog veel meer patiënten verwacht. „En we zitten al aan de grens van onze capaciteit”.

De nieuwe minister van gezondheid, Daniel Bahr, bevestigde gisteren dat beeld. Tegen de zondagseditie van dagblad Bild zei hij dat de situatie in de Noord-Duitse ziekenhuizen „kritiek” is en dat patiënten wegens plaatsgebrek momenteel naar verderop gelegen ziekenhuizen worden overgebracht.

Voor de liberale bewindsman Bahr is de uitbraak van de darmepidemie een eerste belangrijke test. Hij is enkele weken geleden door een herschikking in het kabinet van bondskanselier Angela Merkel op de post gezondheid beland en moet meteen volop aan de bak.

De EHEC-bacterie blijkt van een nieuw type te zijn, dat bij patiënten het zogeheten hemolytisch uremisch syndroom kan veroorzaken, met onder andere kans op blijvende schade aan de nieren. In het slechtste geval kan de bacterie dodelijk zijn. Inmiddels zijn tussen de vijftien en twintig patiënten aan de gevolgen overleden – naar Duitse maatstaf veel. De epidemie lijkt zich voorlopig ongeremd te kunnen uitbreiden. „We moeten ervan uitgaan dat het aantal zwaar zieken voorlopig zal toenemen”, aldus een woordvoerder van het ministerie van gezondheid van de noordwestelijke deelstaat Nedersaksen.

Nadat de Hamburgse wethouder van gezondheid, Cornelia Prüfer-Storcks, vorige week met het schaamrood op de kaken moest verklaren dat Spaanse komkommers bij nader inzien niet de besmettingsbron waren, wordt de vraag steeds dringender waar deze dan wel ligt. De Duitsers weten het niet. En dat maakt ze angstig en onzeker. „We kunnen nog niet zeggen waar deze mengvorm van de EHEC-bacterie is ontstaan: bij een dier of een mens, in een plas water, een waterzuiveringsinstallatie of waar dan ook”, aldus bacterioloog Holger Rohde, verbonden aan de Universiteitskliniek Hamburg-Eppendorf. „Het enige dat zeker is, is dat de combinatie van bacteriënstammen zich snel aan haar omgeving aanpast en makkelijk resistent tegen medicijnen wordt.”

De onzekerheid leidt tot tegenstrijdige adviezen en soms ingewikkelde, dan weer hele eenvoudige informatie. In de noordelijke deelstaat Sleeswijk-Holstein krijgen de burgers van het ministerie van gezondheid te horen dat ze goed hun handen moeten wassen na de stoelgang. In heel Noord-Duitsland geldt nog steeds het advies om geen ongekookte groenten, sla en komkommers te eten. Hoewel inmiddels is aangetoond dat de komkommers waarschijnlijk niets met de besmetting te maken hebben.

Het koortsachtig speuren naar de bron heeft weliswaar tot enkele resultaten geleid, maar die hebben nog geen van alle een doorbraak opgeleverd. Gisteren werd bekend dat een tiental mensen in een restaurant in Lübeck besmet is geraakt. Het etablissement kon meteen zijn deuren sluiten. De eigenaar verklaarde dat hij zijn etenswaren uit Hamburg had betrokken – waar het spoor vervolgens dood liep. Gisteravond meldde het Duitse persbureau DPA dat mogelijk taugésoorten, gekiemde groenten, de besmettingshaard zijn. De analyses daarvan worden vandaag verwacht.

De darmepidemie heeft de Duitsers op een zwakke plek in hun gezondheidszorg getroffen: de regie en het overzicht. De federale structuur van het land is een belemmering voor een centrale aanpak, die in geval van epidemieën vereist is. De Duitse gezondheidszorg is technisch tot veel in staat, maar heeft een kolossale omvang en kent een al even grote bureaucratie. Slagvaardigheid in crisissituaties is daardoor soms ver te zoeken. Dat heeft het schandaal met dioxine vervuild veevoer, begin dit jaar, weer eens overtuigend aangetoond. Het kostte minister van gezondheid Ilse Aigner veel tijd en moeite voordat ze greep op de dioxinecrisis had.

Duitse wetenschappers werken aan de vele raadsels die er nog zijn – en aan een goede therapie. Deze week worden, aldus prof. dr. Dag Harmsen van de universiteitskliniek in Münster, „concrete resultaten” verwacht. „We hopen dat we binnenkort aanwijzingen hebben hoe we verdere infecties kunnen verhinderen”, zei Harmsen voor de radio. Maar eerst moet worden ontrafeld waarom de EHEC-kloon zo agressief is.

De kans bestaat dat de bron van besmetting nooit zal worden gevonden. Andreas Samann van een Hamburgs instituut van milieu en hygiëne zette een flinke domper op de verwachtingen. „Wereldwijd wordt in tachtig procent van zulke gevallen de infectiehaard niet ontdekt”, zei hij. Hij werd meteen bekritiseerd, maar kreeg wel steun van Andreas Hensel, de voorzitter van het Bundesinstitut für Risikobewertung (risicoanalyse).

Anders dan met het recente dioxineschandaal lijkt van kwade opzet geen sprake. Maar vroeg of laat zal, net als met de dioxine, de vraag worden gesteld in hoeverre de gezondheidsdiensten en de politiek adequaat hebben gehandeld. Hoe langer een aanpak uitblijft des te bedreigender de situatie. Niet alleen voor de patiënten, maar ook voor de autoriteiten.