Maker van zoete popklassiekers waar alles aan klopte

Andrew Gold, die vrijdag aan een hartstilstand overleed, maakte twee popklassiekers. Maar vooral was hij de man achter de schermen.

Tenminste dertig dingen kloppen niet op de hoes van What’s wrong with this picture, het mooiste album van de afgelopen vrijdag aan een hartstilstand overleden singer/songwriter Andrew Gold. De gordijnen wapperen met de ramen dicht. De gitaar is aangesloten op het telefoonsnoer. De deur heeft geen knop.

Te midden van al deze visuele anarchie speelt Gold de vermoorde onschuld. Hij wist dat hij het niet moest hebben van zijn saaie uiterlijk of ambachtelijke muziek. Desondanks werden zijn zoete liedjes Lonely boy en Never let her slip away popklassiekers van de jaren zeventig.

Er klopte wel meer niet in het leven van Andrew Gold. Zijn moeder Marni Nixon was zangeres, ze was de stem van Natalie Wood in West side story en Audrey Hepburn in My fair lady, maar ze bleef anoniem. En ook zijn vader Ernest Gold verdween in de vergetelheid nadat hij een Oscar had gewonnen voor de filmmuziek van Exodus

Als een kind van Hollywood-ouders begon Andrew Gold op zijn dertiende zijn eerste band, maar hij moest twaalf jaar wachten voor hij zijn eerste hit scoorde. Dat liedje, het gevoelige pianonummer Lonely boy (1977), werd overschaduwd door de veel grotere successen van labelgenoten The Eagles en Linda Ronstadt.

Andrew Gold verdiende zijn sporen vooral als bandleider en arrangeur van Ronstadt, die hij met het album Heart Like A Wheel aan haar doorbraak hielp. Hij speelde met drie Beatles, Paul McCartney, John Lennon en Ringo Starr, maar nooit met alle drie tegelijk. Hij werkte ook samen met Art Garfunkel, Eric Carmen en Jackson Browne – altijd in dienende functies. Zijn liedjes werden gebruikt in de tv-series Golden Girls en Final Fronter.

In 1986 begon hij de groep Wax met Graham Gouldman van 10CC. Samen maakten ze de hit Bridge to your heart. Als de eenmansgroep The Fraternal Order Of The All maakte hij een album in de sixtiesstijl van zijn favorieten: The Beatles, The Beach Boys, The Byrds.

De laatste jaren verscheen zijn muziek alleen via internet, waar hij onder meer een Kerstalbum van de imaginaire groep The Sugarbeats aan de man bracht.

In het tijdschrift Rolling Stone werd Andrew Gold in 1975 gekenschetst als een nostalgische rocker met een hang naar de melodieuze pop van de jaren zestig.

Na Lonely boy en Never let het slip away hield Gold het voor gezien als soloster. Maar achter de schermen bleef hij de rest van zijn leven werken aan popmuziek waarin alles klopte.