Koken met zuiplappen

Terwijl kookprogramma’s op tv nog zelden verrassen, zijn hun tegenhangers op internet vaak erg origineel. Herbert Blankesteijn maakt een kleine selectie.

Topkoks, bekende Nederlanders, liedjes van populaire artiesten, alle denkbare ingrediënten hebben al in kookprogramma’s op de tv gezeten. Het is als met pizza’s: een traktatie verworden tot fastfood. Kookshows op internet volgen andere recepten. Ze worden niet bedacht door netmanagers, maar door liefhebbers met een goed idee. Zo kun je verrast worden – door de gerechten zelf of de manier waarop ze worden bereid.

Een mooi voorbeeld is The Real Zombie Chef, een postapocalyptisch programma waarin een zombie met de pollepel zwaait. In de eerste aflevering maakt hij duidelijk dat hij niet kookt voor zombies maar voor de menselijke kijker: „Ik vind het belangrijk dat u goed doorvoed bent.” De zombiekok is een goedgekleed en beschaafd type. Hij bereidt in ernst zijn gerechten, van een eenvoudige aardappelsalade tot een heerlijke stroganoffsaus. Op therealzombiechef.com staan de recepten vermeld. Grappen over zijn ondode toestand zijn net schaars genoeg om leuk te blijven. „Eet smakelijk. Het kan je laatste maaltijd zijn, tenslotte.”

Of de zombieshow zelf overleeft is de vraag. Er zijn vier episodes verschenen maar nu is het al drie maanden stil. De laatste twee delen zijn op YouTube nog geen 300 keer bekeken. Meer succes heeft de Drunken Cooking Show, waarin Lauren Murrell en Jon Palmer koken en drinken tegelijk. „I’m Lauren and I’m gonna get drunk”, deelt Lauren aan het begin van iedere aflevering mee, waarna ze een fles aan haar mond zet. Ook hier fijne kookideeën zoals rabarbertaart, macaroni met kaas, tofu en knoflook of ijs met bramensaus. De nuchtere kijker kan lekker koken en zich vermaken met andermans coördinatieproblemen. Op drunkencookingshow. com staan tips en recepten en is de dvd te koop met de eerste afleveringen. „Kóóp die dvd want we hebben geld nodig. Voor drank.” In februari is het tweede seizoen begonnen.

Ook in Epic Meal Time is alcohol een belangrijk ingrediënt, maar niet het belangrijkste. Deze wekelijkse show doet het vooral met vlees. Het is een stoeremannenprogramma dat volledig over the top gaat. Gezonde en caloriearme bestanddelen zijn verboden. Een goed voorbeeld is de salade waarin plantaardige materiaal is vervangen door enigszins gelijkende vleesproducten. Tomaten worden gehaktballen, slablaadjes reepjes spek, worteltjes knakworsten („Wortels zijn voor lelijke mensen”). Aardappelen, kaas en tomatenketchup worden oogluikend toegestaan; bourbon en bier zijn de voornaamste vloeistoffen. Het commentaar van de koks is zo stoer en luid mogelijk. „Een beetje bourbon. Grapje, véél bourbon.” Een hamburger van een halve meter, een gebouw van vlees, een bourbon-ontbijt, niets is te gek. Het nuttigen gaat met blote handen en met zoveel mogelijk geknoei.

Tja, en dan heb je nog Charlie Sheen. Net toen zijn ontspoorde gedrag een hoogtepunt bereikte, verscheen op de humorsite Funny or Die een eenmalig kookprogramma waarin hij demonstratief níet stond te koken, met een oranje koksmuts met tijgermotief op zijn hoofd. „Ik kook niet, ik leg het voedsel mijn wil op”, sprak hij, terwijl hij zijn sigaret uitdrukte in een rauw stuk vlees. „Here I come, Food Network.”