Ban Ki-moon maakt zich op voor tweede termijn bij VN

Ban Ki-moon heeft als VN-chef zijn best gedaan de grote landen niet te hinderen. Nu stevent hij af op benoeming voor een nieuwe termijn van vijf jaar.

Met stille diplomatie heeft de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, de Zuid-Koreaan Ban Ki-moon, de afgelopen maanden campagne gevoerd voor zijn herverkiezing. Maar pas vandaag, zo is de verwachting op het VN-hoofdkwartier in New York, zal hij officieel aankondigen dat hij inderdaad kandidaat is voor een nieuwe termijn van vijf jaar aan het hoofd van de volkerenorganisatie.

Andere kandidaten hebben zich tot nog toe niet gemeld, en Ban (66) lijkt zich van voldoende steun verzekerd te hebben om te kunnen rekenen op een snelle herbenoeming. Officieel wordt de secretaris-generaal benoemd door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, waarin alle 192 lidstaten een stem hebben. Maar in de praktijk valt de beslissing in de Veiligheidsraad, en zijn het met name de vijf permanente leden (de Verenigde Staten, Rusland, China het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk) die de doorslag geven. Met hun vetorecht kunnen de vijf iedere kandidatuur blokkeren.

Ban Ki-moon, die sinds 1 januari 2007 in functie is, heeft de afgelopen jaren zijn best gedaan de grootmachten niet tegen de haren in te strijken. De Egyptenaar Boutros Boutros-Ghali verspeelde in 1996 zijn kansen op een tweede termijn als secretaris-generaal van de VN, toen de regering van president Clinton na de burgeroorlog in Bosnië haar vertrouwen in hem verloor. Boutros’ opvolger Kofi Annan verspeelde zijn krediet bij de regering van George W. Bush toen hij in 2004 zei dat de Amerikaanse invasie in Irak illegaal was – maar Annan was toen al in zijn tweede termijn.

Ban Ki-moon heeft in de vierenhalf jaar dat hij in functie is geen sterk politiek profiel ontwikkeld. Zijn stijl is nogal ingehouden, en zijn moeizame uitspraak van het Engels helpt ook niet om hem enig charisma te geven. Maar het bevalt de vijf permanente leden van de Veiligheidsraad wel om een niet al te uitgesproken figuur als VN-chef te hebben.

De niet erg inspirerende stijl van leidinggeven van Ban is de afgelopen jaren wél bekritiseerd door VN-diplomaten. Hij zou als manager van de VN-bureaucratie te kort schieten, regelmatig ten prooi vallen aan woede-uitbarstingen, en bovendien „geen ruggegraat” hebben, aldus een in 2009 uitgelekt diplomatiek telegram van de plaatsvervangend ambassadeur van Noorwegen bij de VN.

Begin dit jaar verweet de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch hem zwak leiderschap, omdat hij te weinig zijn stem zou verheffen tegen regeringen die de mensenrechten schenden. Hij zou zich te veel bedienen van stille diplomatie, en zijn functie te weinig gebruiken om landen aan de schandpaal te nagelen.

Met name dat Ban China niet openlijk aansprak op schendingen van de mensenrechten, namen Human Rights Watch en andere critici hem kwalijk. Zo liet de VN-topman in november, tijdens een bezoek aan China na om in het openbaar op te roepen tot vrijlating van de dissidente kunstenaar Liu Xiaobo. Zelfs een felicitatie toen de Liu de Nobelprijs won kon er niet af.

Afgelopen maanden heeft Ban zijn profiel wat scherper gemaakt, door steun te geven aan betogers in de Arabische wereld die democratie eisen. Ook sprak hij zich dit voorjaar opmerkelijk onomwonden uit voor de militaire interventies in Libië en Ivoorkust, waar VN-vredestroepen in actie kwamen om de druk op te voeren op Laurent Gbagbo, die ondanks verloren verkiezingen zijn presidentschap weigerde op te geven.

Bans huidige termijn loopt nog tot 31 december, maar als de Veiligheidsraad zijn kandidatuur steunt kan de herbenoeming al voor het eind van deze maand rond zijn. Ban heeft een lange loopbaan als diplomaat achter de rug. Als minister van Buitenlandse Zaken (2004-2006) van Zuid-Korea kon hij op vele reizen bij regeringen campagne voeren voor zijn benoeming bij de VN.