'Alleen in films heb ik nog vrienden'

Romanschrijver Philippe Claudel zoekt in zijn films naar de balans tussen kunst en amusement. „Franse films zijn te gefocust op marginale en perverse personages.”

De film met die lange naam, Il y a longtemps que je t’ aime, was het verrassingsdebuut van schrijver Philippe Claudel als filmmaker. Maanden achtereen draaide de film in de bioscopen. En nu is Claudel terug, met „een andere film over dezelfde thema’s”.

In zijn Tous les soleils leeft muziekdocent Alessandro 15 jaar nadat zijn vrouw omkwam bij een auto-ongeluk nog in het verleden. Zijn genezing is aan het begin van de film nog ver weg. Claudel: „Na Il y a longtemps wilde ik een komedie maken over hoe mensen weer de draad oppakken na een tragedie.”

Muziek speelt een grote rol in de film. U introduceert Alessandro terwijl hij op zijn Solex door Straatsburg tuft op de opzwepende klanken van een Italiaans volksliedje.

„De muziek is het belangrijkste personage in de film. Toen ik de cd La tarantella van Christina Pluhar een jaar of vijf, zes geleden voor het eerst hoorde, was dat een schok. Ik kan het niet anders omschrijven. Een artistieke, esthetische en emotionele schok, veroorzaakt door het snelle ritme, de ongewone maatvoering en de hypnotiserende harmonieën.

„Er wordt gezegd dat deze barokke Italiaanse volksdansen teruggaan op oude bacchantische rituelen. Maar meer nog dan dat houd ik van het bijgeloof dat er om deze volksmuziek hangt. Er wordt gezegd dat de tarantella is uitgevonden om mensen te genezen van de giftige en dolzinnig makende beet van de wolfspin. De film is voortgekomen uit die combinatie van dat exorcisme en de helende kracht van kunst.”

Wat is Alessandro voor iemand?

„Ik wilde iemand met een aardig karakter creëren. Een good guy. Maar de boeken die hij voorleest, geven ook een extra laag aan het verhaal: Wie bracht Doruntina? is een spooklegende. Je zou Tous les soleils een spookverhaal kunnen noemen, omdat de geesten van de overleden geliefden er zo’n belangrijke rol in spelen.

„Daarom leest Alessandro aan het jonge meisje in het ziekenhuis ook de mythe van Orpheus en Eurydice voor. Ook Alessandro moet zonder om te kijken terug naar de levenden.

„Als ik naar de Franse film van de afgelopen twintig jaar kijk zie ik soms alleen maar een focus op marginale, perverse en extreme personages. Tous les soleils is echt een feelgood-film. Ik probeer de balans te vinden tussen kunst en entertainment. Daarmee grijp ik terug op de traditie van iemand als Claude Sautet, bekend van zijn films met Romy Schneider. Een observator van kleine menselijke onvolkomenheden. Een detaillist.’’

Zijn het die details die u van schrijven naar film maken hebben gebracht? Nu kunt u laten zien waar u anders bladzijden lang voor nodig had gehad?

„Precies! Als ik schrijf moet ik van mijn vrouw altijd pagina’s vol beschrijvingen schrappen. Bij de film bouw je een set op als een installatiekunstwerk. Daarom film ik ook liefst interieurs, omdat je dan alles onder controle hebt.”

Alessandro’s slaapkamer is een donker hol onder een trap, en het vakantiehuis dat hij samen met zijn vrienden bezit stort langzaam in.

„Dat is symbolisch. Eigenlijk zeg ik tegen Alessandro: ga naar buiten, de wijde wereld in. Ga leven.”

Die vrienden spelen een belangrijke rol in de film. Geeft u daarmee ook een portret van een generatie?

„Het filmen van de vrienden geeft me de gelegenheid om iets te verbeelden wat ik zelf niet heb. Ik heb geen vrienden. Door het schrijven en het reizen ben ik steeds meer vrienden uit het oog verloren. Dat is bizar. Je ontmoet steeds meer mensen, maar voor je eigen vrienden heb je steeds minder tijd. Daarom houd ik ervan om over vrienden te schrijven. Wat is het karakter van een vriend? Hoe zitten groepsprocessen in elkaar? Film en literatuur geven me dat terug.”

‘Tous les soleils’ draait nu in de bioscoop.