Muziek

Eenzaam en verstild

I Am Oak: Oasem

cd pop

Het prille muziektalent Thijs Kuijken uit Utrecht blijkt onvervaard. Een jaar na de goed ontvangen cd On Claws, van zijn band I Am Oak, brengt hij een volgende cd uit, met een volkomen andere aanpak. Verdwenen zijn de verwijzingen naar Amerikaanse voorbeelden, middels banjo en vervlochten samenzang, en de daaruit voortvloeiende sfeer van gezamenlijkheid. Oasem (zowel een verbastering van ‘Awesome’ als de Brabantse uitspraak van ‘adem’) maakte hij in zijn eentje, en de muziek klinkt naar eenzaamheid. De instrumentaties van akoestische gitaar en gedempte drums, zijn verstild en intiem. Sommige liedjes imponeren door hun kwetsbaarheid, maar de meeste tillen hun eenvoud naar een hoger niveau: zij bedwelmen door de uitgerekte tempi van priemende gitaarloopjes, en vooral door de indrukwekkende zang van Kuijken, die sonoor declameert of jammerend opflakkert. Hij herinnert aan Antony en Bon Iver, maar is op een eigen, zachtaardige manier hartveroverend.

Hester carvalho

I Am Oak treedt op: 10/6 Zomerfestival, Delft; 16/6 Naked Song Festival, Eindhoven; 24/6 PX, Volendam.

Intiem chansonnier

Philippe Elan: Horizons

cd chanson

Hoe het Franse chanson er tegenwoordig bij staat, is in Nederland bijna niet meer te volgen. Er dringt hier nauwelijks meer iets van door. Des te beter dat we Philippe Elan nog hebben, want hij – van Franse makelij, maar al jarenlang in Nederland werkzaam – komt gemiddeld eens in de twee jaar met een nieuwe cd. En ook op zijn nieuwste, die zijn negende is, zingt hij weer nummers van meer of minder recent Frans fabricaat. Zo omvat zijn keus ditmaal een elegant liedje van Carla Bruni (tekst) en Julien Clerc (muziek), een door Jean Ferrat teder getoonzet gedicht van Aragon en veel meer moois, waaronder ook een eigen liefdesliedje op muziek van zijn vaste producer Reyer Zwart. Als arrangeur schiep Zwart voorts de sfeer van intimiteit waarin Elans ijle zangstem op zijn best is. Af en toe breekt Elan uit het Franse kader, onder meer met een eigen versie van het zoetzure My little town die – afgezien van een licht Frans accent – weinig toevoegt aan het monkelende origineel van Paul Simon. Veel authentieker klinkt Skielik is jy vry van de Zuid-Afrikaanse troubadour Koos du Plassis – een nieuw bewijs voor Elans hang naar originaliteit en muzikaliteit.

Henk van Gelder

Carpe Diem-rappers

Fakkelteitgroep: FTG 3

cd hiphop

Voor een verzamelalbum is deze sterke staalkaart van de scene rondom hiphopfijnproever Sticks (Fakkelbrigade; ex-Opgezwolle) ongekend consistent. In zowel zwoele zomerse hiphopfunk als rauw echoënde dubstep klinkt de muzikale lijn terug die ooit door fundamentleggers Opgezwolle en DuvelDuvel is neergelegd. Met beats die robuust en funky zijn, en gemaakt met een opvallend oog voor detail. De typische FTG-artiest is een jonge rapper die, vaak in een wolk wietrook, de hectische maatschappij ontvlucht en tracht te leven volgens het Carpe Diem-principe. Zoals laidback-straatrapper Freez die op rijke G-Funk zijn eenvoudige leven uit de doeken doet. En een met zijn gedachten worstelende Typhoon die indruk maakt op een paranoïde SF-productie van Seven League Beats. Dit nieuwe productieteam van Rob Peters en Dries Bijlsma valt op met overrompelende, door dubstep en grime beïnvloede beats die klinken als het heelal tijdens spitsuur. Voorman Sticks is met zijn karakteristiek rustige cadans onveranderd sfeerbepalend.

Saul van Stapele

Juweeltje Schumann

R. Schumann, Pianotrio’s: Leif Ove Andsnes (piano) C. en T. Tetzlaff (viool en cello) 3

cd klassiek

In tijden van matige cd-verkoop zijn veel nieuwe klassieke releases live-opnames. Dat hoeft geen nadeel te zijn; vaak vergroot de concertomgeving urgentie en spontaniteit. Bij pianist Leif Ove Andsnes, violist Christian Tetzlaff en diens zus Tanja (cello) mis je soms het gevoel van muzikale drang. Het samenspel is exemplarisch kamermuzikaal. Schumanns pianotrio’s zijn niet zijn bekendste werken maar het Tweede is een onmiddellijk aansprekend, “vriendelijk” (Schumann) juweeltje. Het langzame deel van het grillige Derde pianotrio betovert met lyrisch samenspel van viool en cello. Raar dat dit repertoire niet populairder is. De dubbelcd onderscheidt zich in het streven naar volledigheid: de bewerking van Zes canonische etudes (op.56) zijn hier aangename speelmuziek. Toch verlang je soms, zoals vaker bij de nette Andsnes, naar een uitvoering die wat gekartelder is.

Mischa Spel