Moldavische homo's vrezen voor nieuw geweld

De pro-Europese regering van Moldavië wil een anti-discriminatiewet invoeren. Anti-homogroepen zijn extra gemobiliseerd door het debat over het wetsvoorstel.

De activisten van GenderDoc zijn momenteel extra voorzichtig. De Moldavische homobelangenorganisatie vierde vorige maand het tienjarig bestaan van de Moldavische gay pride, maar achter gesloten deuren. „Het klimaat is nu zo gespannen dat het voor onze veiligheid beter was om een paar zaaltjes af te huren”, zegt Anastasia Danilova, directeur van GenderDoc.

Het enige evenement dat GenderDoc op straat organiseerde was een ‘flashmob’ in de hoofdstad Chisinau, op de plek waar tijdens de gay pride van 2008 rond de vierhonderd skinheads, oud-militairen en orthodoxe activisten een bus met zo’n vijftig homo’s belaagden, die op weg waren naar een demonstratie. „De politie greep niet in. Sommigen van ons dachten toen: dit is de laatste dag van mijn leven”, vertelt Danilova (28).

Juist dit jaar vreest GenderDoc voor een herhaling van het geweld. „Anti-homo-groepen zijn extra gemobiliseerd door het debat over de anti-discriminatiewet”, zegt Danilova. Ze doelt op het wetsvoorstel dat de pro-Europese regering van premier Vlad Filat in februari indiende. De wettekst verbiedt allerlei vormen van discriminatie – ook op basis van ‘seksuele geaardheid’.

Dat is allerminst vanzelfsprekend in het landje van rond de vier miljoen inwoners. Moldavië – het armste land van Europa – is tevens één van de meest intolerante Europese landen. Slechts 10 procent van de bevolking zou een homoseksuele man of vrouw in de vriendenkring accepteren, en als familielid 4 procent, bleek onlangs uit onderzoek.

De oppositie tegen de wet wordt aangevoerd door de orthodoxe kerk en bestaat verder uit de oppositionele Communistische Partij – van oudsher seculier, maar conservatief in morele kwesties – en een groep baptistische activisten. Ook enkele politici van regeringspartijen, verenigd in de Alliantie voor Europese Integratie, lieten zich uiterst negatief uit over de wet. De „integriteit” en de „gezondheid” van de familie zouden worden aangetast.

Na enkele weken van hevige weerstand trok de regering-Filat het voorstel weer in. Maandag vinden lokale verkiezingen plaats – en de coalitiepartijen zijn bang stemmen te verliezen aan de Communisten, die campagne voeren met hamer en sikkel. „In verkiezingstijd loopt de temperatuur hoog op”, vertelt premier Filat in zijn werkkamer aan een groep Europese journalisten. „Na de verkiezingen willen we de anti-discriminatiewet opnieuw indienen”.

Filat voelt zware druk om de wet opnieuw aan het parlement voor te leggen – niet zozeer uit eigen land, maar uit Brussel. Moldavië is geen kandidaat-lidstaat van de EU, maar valt wel onder het ‘nabuurschapsbeleid’. In oostelijke en zuidelijke buurstaten probeert de EU de welvaart en de mensenrechten te bevorderen. ‘Brussel’ vindt de anti-discriminatiewet eveneens belangrijk om te voorkomen dat Moldaviërs politiek asiel aanvragen in EU-landen, vanwege discriminatie in eigen land.

Als pressiemiddel gebruikt de Europese Commissie nu de wens van de Moldavische regering om burgers zonder visum naar de EU te laten reizen. Brussel stelt daarvoor als „belangrijke eis” dat de anti-discriminatiewet wordt aangenomen, zegt een hoge EU-ambtenaar. „Inclusief het gedeelte over seksuele geaardheid.”

GenderDoc ziet de wet als een essentieel instrument om de rechtssituatie van homo’s te verbeteren. „Eén van de ergste dingen is dat zelfs de politie hier niet te vertrouwen is”, zegt Danilova. „Homoseksuele mannen worden door de politie gechanteerd. Op plekken waar ze elkaar ontmoeten vraagt de politie ze om identificatie. Ben je bang dat je ouders het te weten komen, vragen ze dan. Uit angst geven ze de politie geld.”

GenderDoc is afhankelijk van steun van West-Europese mensenrechten- en homo-organisaties, waaronder het Nederlandse COC. De ‘Non-Discriminatie-Coalitie’, een groep lokale organisaties waarvan GenderDoc deel uitmaakt, wordt geadviseerd door Amnesty International en de Soros Foundation.

Maar ook het antihomo-kamp heeft internationale banden. In maart verscheen in Chisinau Scott Lively, een ultraconservatieve Amerikaanse evangelist die ook in Oeganda campagne voerde tegen homo’s. Lively was in Moldavië op uitnodiging van activist Vitalie Marian. De welbespraakte en scherpe Marian, lid van de baptistische minderheid in Moldavië, treedt regelmatig op in tv-programma’s. Hij werkt samen met de orthodoxe kerk, waarmee hij zijn standpunt over homoseksualiteit deelt: „Homoseksualiteit is een zonde ten overstaan van God. Daarom kan het ook geen recht zijn”. Op advies van Lively publiceerde hij een ‘Zwarte Lijst’ van politici die de anti-discriminatiewet zouden steunen. Hij haalt ze er pas af als ze een verklaring tegen de wet ondertekenen.

GenderDoc hoopt dat de druk achter de schermen uit Brussel uiteindelijk de doorslag zal geven. Danilova: „Als die wet erdoor komt, is het dankzij de EU. Gelukkig is Moldavië zo’n klein landje. Dat laat zich makkelijk onder druk te zetten.”