Een tas vol topmerken

We leven in een tijd van literaire ideeën, veel meer dan van teksten: de VertragingsApp is een groot succes. Het programmaatje dat literaire fragmenten levert, vloog naar de vijfde plaats in de hitlijst van de App-store. Inmiddels staat de app alweer op 55, net onder Assasin’s Creed Altaïr’s Chronicles HD, maar het is een leuk ding – al is het maar omdat je de leestijden (0-5 minuten voor drie verhaaltjes van Toon Tellegen) kunt controleren en verbeteren. En om de zwarte humor van de makers, die je bij 30 tot 45 minuten vertraging alleen Kafka’s geweldige en gruwelijke ‘Uit de strafkolonie’ laten lezen. Dan valt drie kwartier vertraging inderdaad reuze mee.

Omdat de NS sneller kan vertragen dan God apps kan maken, toch ook nog maar wat andere dingen in de tas gestopt, zoals Het grote Heleen van Royen Zomerboek. God, wat een saaie boel. Je kunt een leuk idee ook te ernstig uitvoeren: een eindeloze reeks columns, boekfragmenten en familiefoto’s – veel te weinig puzzels en één ingeving (de familie Van Royen als Libelle-strip) die van schrik amper wordt uitgewerkt. Heleen van Royen is een merk, staat trots in het boek, maar eigenlijk is HvR alleen nog maar een merk.

Nog steeds geen trein, wel een ander literair merk in de tas, iets meer upmarket: Connie Palmen. Literair Limburg heeft het hoofdstuk ‘De psychiater’ uit De wetten laten vertalen in het dialect van St. Odiliënburg, waar Palmen vandaan komt. Het lijkt bijna Fries: ‘Ich wil waal taege de waereld praeke, de miensje lere wie ze die taal motte beloestere die ómger de veurvalle in häör laeve versjaole zit.’

Zou iemand Simon Vestdijk weleens in het Fries, de taal die onder hem verscholen ligt, hebben vertaald? Het wat sleetse merk Vestdijk wordt dapper in de markt gehouden door zijn weduwe Mieke met haar uitgeverijtje Mycena Vitilis, waar nu Doorn bundel verschenen is. Ja, er zijn nog gebonden boeken in Nederland, maar vooral: wat een traktatie! Alleen al om ‘De winde in de storm’, een tuinverhaal over een rustminnende plant die door een windhoos van Jopliniaanse allure wordt weggezogen. ‘Dit was het ogenblik waarop de winde van haar stengel werd losgerukt. En nu eindelijk werd zij bang […] Door de windhoos werd zij met een razende snelheid omhoog gezogen, en hoe hoger zij kwam, des te meer kregen de afzichtelijke wolken vat op haar […] Vet en wanstaltig waren deze wolken, zinloos van woede en gehoorzaamheid.’

Ik begrijp wel waarom er geen VestdijkApp is. Niemand zou ooit nog een trein nemen.