'Schade cultuur alleen zó beperkt'

In de brief hiernaast zet de Raad voor Cultuur aan de Kamercommissie Cultuur zijn standpunt ten aanzien van de bezuiniging uiteen.

In een brief aan de Tweede Kamer verdedigt de Raad voor Cultuur zijn advies aan staatssecretaris Zijlstra (Cultuur, VVD) over de bezuinigingen op de kunstsector. Zijlstra had gevraagd om voorstellen om in 125 miljoen euro te bezuinigen op de kunstsubsidies per 2013. Ook vroeg Zijlstra scherpe keuzes.

Op het advies kwam kritiek: die duidelijke keuzes zouden niet zijn gemaakt, de raad zou te veel instellingen in stand willen houden. Bijvoorbeeld door alle tien rijksgesubsidieerde orkesten te handhaven en die allemaal 30 procent minder geld te geven. De raad verdedigt dit nu door te wijzen op het belang van geografische spreiding: de orkesten die niet in de Randstad zitten leveren bijvoorbeeld ook weer muziekleraren.

In het advies stelt de Raad verder voor om pas twee jaar later, in 2015, tot de bezuiniging van 125 miljoen te komen. Dat geeft instellingen de tijd om alternatieve financiering te zoeken. Volgens de Raad is dat uitstel mogelijk omdat Zijlstra geld heeft gereserveerd voor frictiekosten: kosten verbonden aan gedwongen ontslag en het sluiten van instellingen.

De raad wijst er in deze brief nogmaals op dat het in het advies niet enkel om bezuinigingen gaat. Ook staan er voorstellen in voor een nieuwe inrichting van de theatersector met op acht plaatsen voorzieningen.

De Raad wil dat er meer wordt samengewerkt tussen de musea onderling en tussen musea en de verschillende overheden die subsidiëren: rijk, gemeenten en provincies. De Raad wil zo’n nieuw stelsel nu, en niet wachten tot 2013.

De Raad wil ook 26 procent bezuinigen op de 29 rijksmusea. Zijlstra wil dit niet, omdat volgens het regeerakkoord erfgoed zoveel mogelijk moet worden ontzien. Doen we, zegt de raad: we willen geen kortingen op collecties, maar wel op exposities en wetenschappelijke taken.