PVV en PvdA: geen cent méér naar begroting Europa

PVV en PvdA als politieke bondgenoten. Vaak gebeurt het niet, gisteren wel. En het is gek genoeg ‘Europa’ dat de partijen verbroedert. Een voor het kabinet vervelende motie van PvdA-Kamerlid Ronald Plasterk werd door de Tweede Kamer aangenomen. Steun van de PVV, gedoogpartner van het kabinet en aartsvijand van de PvdA, was daarvoor cruciaal.

Plasterk eist van het kabinet dat het bij de onderhandelingen over de EU-begroting van 2012 en de meerjarenbegroting 2014-2020 vasthoudt aan de zogenaamde ‘nominale nullijn’: de begroting mag in euro’s gemeten niet stijgen, dus ook niet om de inflatie te corrigeren.

Een onmogelijk en contraproductief verzoek, legde premier Mark Rutte vorige week nog uit aan de Tweede Kamer. Onmogelijk omdat hij geen enkele steun voor deze positie van andere EU-landen zou krijgen en dus geen enkele kans van slagen had. Contraproductief omdat vasthouden aan het onmogelijke de kans vergroot dat de Europese Commissie een meerderheid van landen achter zich krijgt, en de begroting volgend jaar met bijna 6 procent stijgt. En omdat Nederland graag structureel een korting van 1 miljard wil op de afdrachten aan de EU, en daarvoor in onderhandelingen niet te halsstarrig moet zijn.

Maar aan dat soort praktisch realisme heeft een meerderheid van de Kamer geen boodschap. Een bondgenootschap van PvdA, PVV, SP, ChristenUnie, de Partij voor de Dieren en de SGP besloot een principe te markeren: de euroscepsis onder grote delen van de Nederlandse bevolking kan niet worden afgedaan met sussende woorden over politieke compromissen.

Voor deze symbolische stellingname heeft elke partij zijn redenen. De PvdA doet het uit „liefde” voor de Europese gedachte. Nu alle landen sterk bezuinigen, moet de EU er ook aan geloven. Het is „de enige manier” om draagvlak voor Europa te behouden, zo zegt Plasterk. Voor de PVV is de EU een kwaad dat je misschien niet uit kan roeien, maar wel verzwakken. Hoe meer geld en bevoegdheden bij Europa kunnen worden weggehaald, hoe beter.

Dat Rutte daadwerkelijk problemen krijgt als hij de motie niet uitvoert, is onwaarschijnlijk. In de motie van Plasterk staat dat het kabinet moet „streven” naar de nominale nullijn in 2012. Dat klinkt als niet meer dan een inspanningsverplichting. Logisch, Nederland moet zich uiteindelijk neerleggen bij wat de hele EU besluit. De PvdA steunde dan ook een motie van regeringspartijen CDA en VVD die expliciet erkent dat het kabinet wel „onderhandelingsruimte” moet hebben. Een PVV’er zou dan zeggen „met Europa hebben we niks te maken”. Maar dat gaat de PvdA weer te ver.