Op naar een winkel in Parijs

De Brabantse familie Termeer zit sinds 1909 in het schoenenvak.

‘Sacha’ moet naast winkelketen ook een sterk modemerk worden.

Je bent op zoek naar patta’s. Ik zeg, je loopt naar Sacha.Voor nieuwe looks, dus zet je de trend.Maakt niet uit wat ze denken.Blijf wie je bent.

Deze rap hoor je als een Sacha-telefoniste je in de wacht zet. Schoenenbedrijf Sacha – slogan: Not for basics – groeit razendsnel en is al vier generaties in handen van de familie Termeer.

In de hal van het Sacha-hoofdkantoor in Tilburg neemt Ward Termeer (31) hartelijk afscheid van twee mannen in pak. Daarna beent hij weg. Als hij terugkomt, heeft hij zijn glimmende zwarte schoenen vervangen door stappers met een bloemenmotief. Voor belangrijke zakenmensen doet hij altijd nette schoenen aan, legt hij uit.

Ward Termeer is de achterkleinzoon van Lambertus Termeer. Die groeide op in een leerlooiersgezin en begon in 1909 een schoenhandel in Tilburg. Lambertus’ zes kinderen hielpen in het familiebedrijf. Zijn oudste zoon Jacques opende eind jaren dertig een winkel in het centrum van de stad. In 1964 stapte Jacques’ oudste zoon Bert in de zaak, direct na de middelbare school. Hij had geen zin om te studeren. Bert was een product van de hippietijd. Elk weekeinde ging hij op stap en ergerde hij zich dan aan het gebrek aan gedurfde uitgaansschoenen.

Toen Bert op een borrelmiddag in Breda een monumentaal pandje te koop zag staan, greep hij zijn kans. Dat moest zijn winkel worden voor jong en trendzettend publiek. Hij kocht in Londen hippe, avant-gardistische schoenen in en opende de winkel in 1971. Een zaak vol glitters, enorme plateauzolen, slangenleer. En in 1975 nog zo één, aan de Kalverstraat in Amsterdam. De Dolly Dots zwoeren bij Sacha-schoenen.

Na zijn studie economie kwam ook broer Paul in het familiebedrijf werken. En samen – Paul de zakenman, Bert de creatieveling – lieten ze Sacha groeien. In 2004 waren er 39 winkels in Nederland met betaalbare, gedurfd hippe schoenen.

En toen vroegen de broers zich af: hoe moet het nu verder? Ze dachten erover hun bedrijf te verkopen. Ward Termeer, de zoon van Paul, was op dat moment 25 jaar. Hij had zijn studie internationale bedrijfskunde afgerond en was net begonnen aan zijn eerste baan bij een autoleasebedrijf. Maar na een vader-zoongesprek tijdens een strandwandeling hakte hij de knoop door. Hij stapte in het familiebedrijf. „De beste beslissing die ik ooit heb genomen.”

Toen hij bij Sacha begon, heerste er een midden- en kleinbedrijfmentaliteit. „Als Sacha wilde groeien, moest er professioneler gewerkt worden met modebewuste mensen die bij het merk passen. Ik heb een jong team aangenomen.”

Zijn vader gaf hem ruimte om dingen te veranderen. Al ging dat niet zonder slag of stoot. Neem internet. Hij wilde een webshop. Zijn vader zei: we zijn toch geen postorderbedrijf? Toen heeft hij er stiekem toch een opgezet. Hij sloot een deal met de financieel directeur die onder een andere noemer de rekeningen betaalde. „En inmiddels is die webshop natuurlijk mijn vaders idee.”

Hij gelooft in winkels in aantrekkelijke historische binnensteden, waar altijd mensen zullen blijven komen. Amsterdam, Maastricht, Utrecht, Haarlem. Een winkel in Bergen op Zoom zou hij nu niet meer openen. Daar zijn wel mensen die Sacha-schoenen willen, maar niet genoeg. Die mensen zou hij liever via de webshop bedienen. Dan kan hij een echte winkel openen in een kosmopolitische stad elders in Europa. Sinds zijn komst is het aantal Sacha-winkels bijna verdubbeld, naar 75. Daarvan zijn er 48 in Nederland, negentien in België, zes in Duitsland en twee in Frankrijk.

Sacha moet een merknaam worden. Daarvan is hij overtuigd. Mensen moeten niet zeggen ‘Ik heb schoenen bij Sacha gekocht’, maar ‘Ik heb Sacha-schoenen aan’. Daarom staat inmiddels op 95 procent van de schoenen in zijn winkels ‘Sacha’. Daarvan is 50 procent helemaal zelf ontworpen en bestaat 45 procent uit modieuze schoenen overgoten met een extravagant Sacha-sausje. De laatste 5 procent zijn schoenen van andere merken die zo hip zijn dat Sacha ze wil verkopen.

Sacha heeft eigen ontwerpers die wereldsteden afreizen. Zij hebben bepaald dat de drie najaarsthema’s in de collectie dit jaar zijn: Country Chic, Scandinavian Winter en Victorian Rock. Zij bedachten de pumps geïnspireerd op wandelschoenen, de sleehakken in Noorse print en de stoere zwart-rode laarzen voor komende winter. Een van de ontwerpers laat een tekening zien. Een bruin gehakt laarsje met kleurige wollen inzet. Dit ontwerp wordt gemaild naar de fabriek die dit schoentype het beste kan maken, vertelt ze. Sacha werkt vooral met fabrieken in China, Portugal en Italië. De fabriek maakt een testschoen en stuurt die naar Tilburg. „Dit is het geworden.” Ze laat een laars zien waarvan de wol niet kleurig is, maar zwart-wit. „We moeten nog zien hoe we deze beoordelen.”

Jaarlijks gaat er in Nederland 2,2 miljard euro in schoenen om. Sacha mikt dit jaar internationaal op een omzet van ruim 55 miljoen euro. Ward Termeer is sinds 1 april directeur. Hij geeft leiding aan 600 mensen. En hij droomt. Van een winkel in „magisch modemekka” Parijs. Van ruime filialen met aparte afdelingen vol bijpassende sjaaltjes, riemen, tassen. Van spectaculaire, modieuze fotoshoots.

Vanavond gaat hij iets eten met Reynier van Bommel. Ja inderdaad, die leidt ook een schoenenbedrijf. Ze woonden toevallig bij elkaar op kamers in Maastricht en zijn altijd vrienden gebleven. „Hij mikt op een heel andere doelgroep, dus we kunnen elkaar goed hebben.”