Hoe komen de Duitsers dan aan energie?

Kerncentrales leveren nu nog 23 procent van de Duitse stroom. In 2022 moet het daarmee gedaan zijn. Dan moet de elektriciteit uit duurzame energiebronnen komen (zon, wind; 35 procent), bruinkool (25 procent), aardgas (20 procent), steenkool (15 procent) en olie (5 procent). Waarmee fossiele brandstoffen de belangrijkste stroomleveranciers voor huishoudens blijven. Zo ‘groen’ wordt het land dus ook weer niet.

Mooie doelstellingen, maar hoe denken de Duitsers die te realiseren? Alle elektriciteitscentrales, windturbines en zonnepanelen bij elkaar hebben in Duitsland een gezamenlijk vermogen van 90 gigawatt (GW). Er zijn na de kernramp in Japan al zeven oude kerncentrales van het net gehaald. Daardoor is er 8,5 GW aan vermogen verdwenen. Blijft over, 81,5 GW. De eigen stroomvoorziening dreigt daarmee krap te worden, want op piekmomenten is er in Duitsland 80 GW nodig.

Maar het land kan stroom importeren, bijvoorbeeld uit Nederland of Frankrijk. Daarbij komen er de komende twee jaar nieuwe kolen- en gascentrales bij. Die leveren samen 11 GW. Verder staat er 12 GW aan warmtekrachtkoppeling (centrales die zowel stroom als warmte leveren) gepland. En het huidige aandeel duurzame energie, nu 17 procent van alle geleverde stroom, moet volgens de doelstellingen voor 2020 ook nog eens worden verdubbeld. Verder wil Duitsland zwaar inzetten op energiebesparing, zodat de totale vraag naar stroom daalt.