Magistraat gruwde van meer repressie

Necrologie

Rob Blekxtoon zag zichzelf als rechter van de oude stempel. „Een straf moet nuttig zijn.”

Ex-rechter Blekxtoon Foto NRC H'Blad, Maurice Boyer 040511
Ex-rechter Blekxtoon Foto NRC H'Blad, Maurice Boyer 040511

Zijn pensioen in 2004 kwam voor de toen 70-jarige rechter Rob Blekxtoon geen dag te vroeg. De magistraat die ruim dertig jaar bij de Amsterdamse rechtbank werkte, had een hekel aan de modernisering en verzakelijking van de cultuur in het rechtbedrijf, waar het steeds meer om ‘productie’ draaide. Ook de roep om toenemende repressie en harder straffen was de humanistische strafrechtjurist een gruwel. Zwaarder straffen werkt averechts, was zijn stellige mening. „Je kweekt ressentiment en wrok tegen de maatschappij. Een straf moet nuttig en functioneel zijn”, zei hij in een afscheidsinterview met NRC Handelsblad.

Blekxtoon, die afgelopen donderdag overleed, zag zichzelf als rechter van de oude stempel. „Gewetensvol”, aldus Carla Eradus, president van de Amsterdamse rechtbank. „De rechtzoekende stond steeds centraal.” Verdachten vonden bij Blekxtoon een luisterend oor. „Ik behoor tot het type rechter dat graag met de verdachte praat. Wat is er in godsnaam misgegaan? Het misdrijf wordt er niet minder om, maar als je een verdachte laat praten, verhoogt dit uiteindelijk zijn acceptatie van de eventuele straf die hij krijgt.”

Onder advocaten was de eigenzinnige Blekxtoon geliefd. Onder de leidinggevende collega’s was dat niet altijd het geval, omdat de rechter zich niet liet opjagen door productiequota’s. Zittingen liepen bij Blekxtoon nogal eens uit. Zorgvuldige rechtspleging kost nu eenmaal tijd, vond hij.

Aan de in 1934 in Overschie geboren Blekxtoon ging een theoloog verloren. Hij ruilde een studie theologie aan de Universiteit Leiden na twee jaar in voor rechten met als specialisatie zeerecht. Van 1961 tot 1972 werkte hij als civiel advocaat in Amsterdam. Daarna stapte hij over naar de rechtbank waar hij uiteindelijk vicepresident werd.

Blekxtoon publiceerde regelmatig. Hij schreef onder meer een EU-handboek over het nieuwe Europese Uitleveringsrecht (het Europees Aanhoudingsbevel). Ook was hij een toegewijd auteur van ingezonden brieven die vaak komisch getoonzet waren. Zijn bijdragen varieerden van stukken over de Nieuwe Bijbelvertaling tot een relaas over het gevangeniswezen. „Tweemanscellen zijn gemeubileerde tweemans-wc's van 10 m², waar geen raam open kan.”

In zijn laatste ingezonden brief in deze krant, twee jaar geleden, reageerde hij sarcastisch op een aankondiging van staatssecretaris Albayrak. Zij had laten weten het tonen van eerbied voor de rechter desnoods wettelijk vast te leggen. Het kon de gepensioneerde strafrechter niet ver genoeg gaan „ook al kan ik er persoonlijk niet meer van genieten”, schreef hij. „Albayrak moet nu ook echt dóórpakken. Dus buigen voor die rechter! Met wettelijk voorgeschreven hoek, die uiteraard van rechtbank tot Hoge Raad scherper zal moeten zijn, nauwkeurig in graden uit te drukken.”