Buitenlandse Zaken raakt met 'apenrots' zijn eigen plek kwijt

Tot opstand onder de ambtenaren van het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft het vanmorgen niet geleid: de mededeling uit de ministerraad, vlak voor het weekeinde begon, dat ze over vijf jaar moeten intrekken bij de ambtenaren van het ministerie van Infrastructuur en Milieu in een ander gebouw. De onvrede over de gedwongen samenwoning legt het vooralsnog af tegen de onvrede over de huidige huisvesting: de zogeheten ‘apenrots’ aan de Bezuidenhoutseweg in Den Haag.

Toen dit markante gebouw, met schuin oplopende etages, van architect Dick Apon (vandaar de verbasterde aanduiding) in 1984 werd opgeleverd, was het nog het visitekaartje van de rijksoverheid. In zo’n gebouw wilden alle ambtenaren wel werken. „Als je dat gebouw ziet, lijkt het of we Indië nog steeds hebben”, riep een langslopende gereserveerde Hagenaar destijds.

Ambtenaren van Sociale Zaken, het departement dat in die jaren ook een nieuw gebouw was toegezegd, kwamen dolenthousiast terug van een bezoek aan het nieuwe onderkomen van hun collega’s. Totdat ze van hun superieuren te horen kregen dat Sociale Zaken het met aanzienlijk minder vierkante meters per ambtenaar zou moeten stellen dan de ambtenaren van Buitenlandse Zaken. Waarmee ambtelijk Den Haag het klasseverschil tussen de diplomaten annex krijtstrepen van Buitenlandse Zaken en de rest van de ambtenaren weer eens bevestigd zag.

Anno 2011 staat het ministerie van Buitenlandse Zaken met uitzicht op snackcar De Vrijheid voor een donker ontoegankelijk labyrint; een extra cultuurshock voor al de naar Den Haag teruggekeerde diplomaten, die gewend zijn aan de veelal riante ambassades elders in de wereld.

Maar het offer voor de nieuwe behuizing is desondanks groot: er moet per 2016 worden samengewoond met de ambtenaren van het ministerie van Infrastructuur en Milieu (voorheen Verkeer & Waterstaat en VROM). Het voormalige gebouw van het ministerie van VROM, dat momenteel grondig gerenoveerd wordt, zal beide departementen moeten huisvesten.

Eén troost voor de naar schatting 1.500 ambtenaren van Buitenlandse Zaken: de trein naar luchthaven Schiphol – en dus het buitenland – stopt naast de deur.