G8 moet het voortouw nemen in het M-Oosten

De G8 zou de economieën in het Midden-Oosten kunnen helpen transformeren. De Wereldbank heeft 6 miljard euro (4,2 miljard euro) steun beloofd aan Egypte en Tunesië, maar de top van de leiders van de geïndustrialiseerde landen (vandaag begonnen in Deauville) kan ook verder gaan en met een model komen dat moet verijdelen dat de Arabische Lente omslaat in een Arabische Winter. Een stevig pakket maatregelen, gesteund door multilaterale instellingen, zou van cruciaal belang zijn om het vertrouwen van beleggers te herwinnen.

De financiële inspanningen om de regio te ondersteunen zijn tot nu toe mondjesmaat geweest. Bovenop de toezeggingen van de Wereldbank gaat het om ruim 2 miljard dollar van de Verenigde Staten, nog eens 4 miljard dollar van Saoedi-Arabië voor Egypte, en hier en daar nog wat kleinere bijdragen van beleggingsfondsen. Dat levert een mix aan kredieten op voor regeringen en de particuliere sector, met heel verschillende looptijden. Daarnaast zijn er nog gesprekken gaande met het Internationale Monetaire Fonds.

Het is lastig een inschatting te maken van alle behoeften van de hele regio, zolang die nog steeds in beweging is. Maar een bedrag van minimaal 15 miljard dollar aan steun voor Egypte en Tunesië kan helpen de directe buitenlandse investeringen weer op gang te brengen, ook al is het slechts een optelsom van eerdere toezeggingen. Alleen Egypte zegt al met een financieringstekort te kampen van 12 miljard dollar tot halverwege 2012. Tunesië bevindt zich in een iets betere positie met een tekort dat in 2011 naar verwachting op 4,3 procent zal uitkomen.

De Wereldbank heeft de juiste toon gezet door zijn steun afhankelijk te maken van het tempo van de politieke hervormingen en zich te richten op een wederopleving van de particuliere sector. Maar elders zijn de maatregelen minder indrukwekkend. Opschorting van de schuldaflossingen, zoals de Verenigde Staten hebben aangeboden, is niet heel interessant voor een regering als de Egyptische, die geen grote buitenlandse schulden heeft en meer belang hecht aan een diversificatie van haar crediteuren, zodat haar afhankelijkheid van lokale banken kleiner wordt. Een andere uitdaging is dat het democratiseringsproces er niet toe mag leiden dat de economische hervormingen van de autocratische regimes worden teruggedraaid.

Van cruciaal belang is dat ieder steunpakket zich concentreert op de financiering van arbeidsintensieve infrastructuurprojecten, die de werkloosheid verminderen. De regio moet de komende tien jaar 70 miljoen arbeidsplaatsen scheppen. Als dat lukt, kunnen publiek gefinancierde projecten een positief effect hebben op de rest van de economie en snel particuliere investeringen aantrekken. Door een voortrekkersrol op zich te nemen kan de G8 aantonen dat zijn besluiten invloed hebben, en tegelijk twijfels over de eigen relevantie wegnemen.

Una Galani

Vertaling Menno Grooveld