Afstraffing verzwakt Zapatero in eurocrisis

Spanje sluit zich aan bij de Europese trend: de kiezers keren de grote partijen de rug toe. Zwaar verlies bij regionale verkiezingen maakt het voor de Spaanse premier moeilijker om te bezuinigen.

De regionale en lokale verkiezingen gisteren in Spanje zijn op een fiasco uitgelopen voor de socialistische PSOE van premier Zapatero. Bij de eerste grote stembusgang sinds het uitbreken van de economische crisis, in 2008, verloren de socialisten in heel het land terrein. Traditionele bastions als Sevilla en Barcelona gingen verloren.

De conservatieve Volkspartij (PP) behaalde ruim twee miljoen stemmen meer, een verschil van bijna 10 procentpunt. Zapatero, die in april al aankondigde in 2012 geen derde termijn te ambiëren, erkende zijn verlies. Gezien de crisis is het „begrijpelijk dat de PSOE deze afstraffing krijgt”, zo duidde hij de uitslag.

Sinds het uitbreken van de Europese schuldencrisis is Spanje een van de probleemlanden in de eurozone. Bij het bestrijden van de crisis raakte Zapatero klem tussen zijn eigen achterban, die hecht aan de sociale voorzieningen, en de financiële markten en ‘Brussel’, die aandringen op besparingen. De nederlaag zal het voor Zapatero nog moeilijker maken bezuinigingen door te voeren.

Landelijke verkiezingen staan nu gepland voor maart volgend jaar. De PP dringt aan op vervroeging, maar de premier sloot dit gisteren wederom uit. Niettemin zal de sluimerende onrust over een dreigende implosie van de PSOE toenemen onder partijbaronnen en -leden. De partij houdt binnenkort voorverkiezingen om een nieuwe lijsttrekker aan te wijzen. Deze ‘primarias’ kunnen de spanningen in de partij vergroten.

Voor PP-leider Mariano Rajoy is de uitslag een opsteker. De weinig charismatische Galiciër verloor tweemaal van Zapatero en zijn leiderschap binnen de PP is niet onomstreden. Maar ook al kleurde de Spaanse kieskaart gisteren blauw, de cijfers bevatten ook voor Rajoy reden tot zorg. Rajoy presenteert de PP graag als centrumpartij, maar gisteren stapten maar weinig PSOE-kiezers naar hem over. Terwijl de socialisten bijna 8 procentpunt verloren, won de PP slechts 1,5 punten. In een vertaling van de lokale uitslagen naar het landelijke parlement behaalt de PP geen absolute meerderheid.

Veel linkse kiezers liepen over naar Izquierda Unida (Verenigd Links). En de UPyD, een nieuwe links-liberale partij, behaalde gisteren winst in Madrid. Daarnaast was het aantal expres ongeldig en blanco uitgebrachte stemmen fors hoger dan in andere jaren.

De kiezers – zeker die op links – sluiten zich hiermee aan bij een Europese trend waarin het politieke landschap versplintert ten koste van de traditionele middenpartijen. In Spanje is dit vooral het gevolg van de onvrede over de voortdurende polarisatie tussen PP en PSOE.

Deze onvrede is, naast de crisis, ook wat de de jonge betogers motiveert die sinds vorige week pleinen in grote steden bezetten. Ondanks een demonstratieverbod rond de verkiezingen zetten zij hun protest voort. De betogers op het Puerta del Sol-plein in Madrid willen in ieder geval nog een week blijven zitten.

Commentaar: pagina 2