Opinie

Solohooligan

Youp

Misschien is het een idee als die geile DSK zijn enkelband om zijn machtige geslacht van 30 centimeter draagt. Dan kan hij echt geen kant meer op. Na het betalen van een karig miljoentje is hij voorlopig vrij. Zijn socialistische Franse vrienden zijn daar vast blij mee. Zij spraken schande van het feit dat de kamermeisjessnuffelaar door de New Yorkse politie behandeld werd als een gewone verdachte. Hij zat namelijk opgesloten tussen ordinaire criminelen. En dat terwijl hij internationale topbankiers gewend was. Wat scheelt het? Waar is de tijd dat de socialisten zich in eerste instantie bekommerden over een aangerand kamermeisje?

Interessant, dat medelijden met een verdachte. Deze week staat er een zowel sneu als fascinerend omslagartikel in Elsevier over Jan van V., de hoofdverdachte in de beruchte vastgoedfraudezaak. Een zekere Leon de Winter, die zichzelf in het stuk opvoert als beroemde schrijver, spreekt schande over de arrestatie en detentie van deze Jan van Vlijmen, zoals de man werkelijk heet. Allereerst lees je over het ranzige arbeidsverleden van Jan en dat wordt door De Winter weggezet als slim zakendoen. Het meest opmerkelijke van het stuk is dat het op verzoek van de sfinx, zoals Van V. in zijn fijnzinnige vastgoedwereldje wordt genoemd, is geschreven. Een kompaan van Jan belde Leon met de vraag. En Leon deed dat. Na ongeveer een seconde of tien wikken en wegen. Het artikel is vooral aandoenlijk en je krijgt al lezende zielsveel medelijden met de schrijver, die aan het eind ook nog eens door Van Vlijmen op grootse wijze besodemieterd wordt. Wat brengt iemand zo ver dat hij zich als het paard van de melkboer voor de Porsche van een witteboordencrimineel laat spannen? Er staan quasi literaire passages in over een favoriete koffiemok en het smeren van de boterhammen voor de kinderen van de vastgoedmeneer. Passages die een schoolkrant niet gehaald zouden hebben.

Krijg ik begrip als verdachte? Ik schrijf dit stuk vanuit een Italiaanse politiecel. Ik zit hier sinds zondagavond vast in Syracuse op Sicilië omdat ik helemaal alleen het kampioenschap van mijn voetbalclub vierde. Ik kwam straalbezopen mijn hotel uit, liep de eerste de beste souvenirwinkel binnen en veegde al het Siciliaanse aardewerk uit de schappen. Hierna trapte ik op het plein wat cafétafels om, trok wat terracotta bloembakken uit de vensterbanken, ramde wat etalageruiten uit hun sponningen en maakte de gealarmeerde politiemannen uit voor een stelletje bunga-bungafascisten.

Mijn vrouw heeft later aan de agenten uitgelegd dat dit geweld een Amsterdamse traditie is. Een vorm van extreme vreugde. Echte blijheid. „Mijn man zijn voetbalclubje is na zeven jaar modderen eindelijk weer een keer kampioen en dan mag hij van mij altijd even los!” glimlachte ze naar de verbaasde rechercheur. Daarna biechtte ik de agent heel eerlijk mijn zeventien biertjes en negen sambuca’s op.

Gisteravond vertelde mijn vrouw dat het er eerlijk gezegd wel een beetje zielig uitzag. Zo’n radeloze solohooligan in het beeldschone Syracuse. Ze herinnerde me aan het feit dat ik inmiddels 57 ben. „Zeven jaar geleden was je vijftig en toen waren jullie met een mannetje of dertig. Dat zag er woest aantrekkelijk uit. Van die boze, blije, bevrijde mannen. Ik werd toen nog ouderwets wild van je, maar nu moet je het niet meer doen”, sprak mijn vrouw medelijdend.

„Maar wat moet ik dan?” fluisterde ik. „Zo is mijn leven totaal zinloos!”

Daarop deed ze mij een prachtige belofte. Vanavond als ik vrijkom ga ik naar ons hotel, zet me naakt op de rand van het bad en dan komt zij na een uurtje verkleed als kamermeisje binnen. Op het moment dat zij de minibar controleert sla ik toe. En als alles achter de rug is vertel ik haar over mijn frauduleuze handelingen in de vastgoedsector. Ze heeft me alleen aangeraden er niet bij te snuiven. Anders kan ik het me na afloop niet herinneren. En dat zou jammer zijn.