Engelse voetbalbond stemt vooral tegen FIFA

De Engelse voetbalbond stemt niet bij de verkiezing van de nieuwe FIFA-voorzitter. Zowel voorzitter Blatter als uitdager Bin Hammam zijn in opspraak.

Wie de nieuwe voorzitter van wereldvoetbalbond FIFA ook wordt, op de steun van de uitvinders van de sport kan hij niet rekenen. Na de aanhoudende beschuldigingen van corruptie bij de FIFA maakte de Engelse voetbalbond FA gisteren bekend zich te onthouden van stemming bij de verkiezing van de nieuwe baas van de grootste sport ter wereld.

Het is slechts een symbolische stap. De FA heeft net als de 207 andere bonden die lid zijn van de FIFA één stem bij de verkiezing op 1 juni. Maar het is wel The Football Association die zich nu openlijk distantieert van de wereldvoetbalbond. De FA is de oudste voetbalbond ter wereld en stelde in 1863 de spelregels op voor de sport die in de vorige eeuw de wereld veroverde. De Engelse bond maakte gisteren in een verklaring bekend moeilijk een keuze te kunnen maken tussen de huidige voorzitter Sepp Blatter en zijn uitdager, Mohamed Bin Hammam uit Qatar. Beiden zijn de afgelopen tijd in opspraak geraakt.

Blatter staat aan het hoofd van een organisatie die veelvuldig is beschuldigd van corruptie. De FIFA-voorzitter heeft dat altijd ontkend. Maar sinds vorig jaar heeft hij met een aantal nieuwe affaires te maken, met als centrale punt de toewijzing van de wereldkampioenschappen voetbal van 2018 en 2022.

In de aanloop naar de verkiezingen voor de twee WK’s, op 2 december vorig jaar, werden twee leden van het 24-koppige FIFA-bestuur geschorst nadat zij tegenover undercoverjournalisten ingingen op voorstellen tot omkoping. Zo vroeg de Nigeriaan Amos Adamu, die dacht dat hij met lobbyisten sprak, in ruil voor zijn stem bij de toewijzing 571.000 euro voor de aanleg van kunstgrasvelden in zijn land. Het bedrag moest wel naar een privérekening worden overgemaakt. Reynald Temarii uit Tahiti wilde 1,7 miljoen euro voor een sportacademie.

Uiteindelijk bepaalden de overgebleven FIFA-bestuurders op 2 december dat Rusland het WK van 2018 mocht organiseren en Qatar het toernooi in 2022. Vooral in Engeland, dat zich favoriet achtte maar slechts twee stemmen kreeg van het FIFA-bestuur, viel de keuze slecht. Ook Nederland en België hadden zich kandidaat gesteld voor het WK 2018.

Vorige week, ruim vijf maanden na de toewijzing, haalde de oud-voorzitter van het Engelse campagneteam uit naar de wereldvoetbalbond. Vier FIFA-bestuurders hadden zich tijdens de lobby „onfatsoenlijk en onethisch” gedragen, zei Lord David Triesman tegen een commissie van het Britse Lagerhuis die het mislukken van de Engelse WK-campagne onderzoekt. Lord Triesman vertelde de parlementsleden dat FIFA-vicevoorzitter Jack Warner uit Trinidad hem om 1,7 miljoen euro had gevraagd. Nicolas Leoz uit Paraguay wilde een koninklijke onderscheiding in ruil voor zijn stem op Engeland.

Tijdens de hoorzitting in het Lagerhuis werd ook duidelijk dat de Britse krant The Sunday Times de onderzoekscommissie bewijs had geleverd over Qatar. Het Golfstaatje zou 1,5 miljoen dollar aan twee Afrikaanse FIFA-bestuurders hebben betaald. Die beschuldiging raakte FIFA-bestuurslid en kandidaat-voorzitter Mohamed Bin Hammam direct, hij had een centrale rol in de onverwacht succesvolle campagne van Qatar.

Intussen zijn acht van de 24 leden van het bestuur van de wereldbond in verband gebracht met omkoping rond de WK-toewijzing van 2018 en 2022. En het is niet voor het eerst dat er beschuldigingen van corruptie aan een WK voetbal kleven. In 1996, bij de lobby voor het WK van 2002, riep toenmalig FIFA-vicevoorzitter David Will de kandidaten op om hem geen geschenken meer aan te bieden. In 2000 maakte de Duitse mediatycoon Leo Kirch, zo meldde tijdschrift Der Spiegel in 2003, honderdduizenden euro’s over naar de privérekeningen van FIFA-bestuurders. Het WK 2006 ging naar Duitsland.