Ook Spanje heeft nu zijn eigen Wilders

Xavier García Albiol heeft grote kans te winnen bij de lokale verkiezingen zondag.

Dat kan ertoe leiden dat immigratie een belangrijker thema in heel Spanje wordt.

Het is twintig meter van de parkeerplaats naar de voordeur. Maar als de dochter van Maria-Angeles Utrera ’s avonds thuiskomt, belt ze voor het verlaten van haar auto eerst haar moeder. „Dan vraagt ze of ik bij het raam wil gaan staan om te kijken”, vertelt Utrera. „Zo bang is ze dat die mensen uit het Oosten haar iets aandoen.”

Utrera woont in Llefià, een wijk in de Catalaanse stad Badalona. In de aanloop naar de Spaanse gemeenteraadsverkiezingen, aanstaande zondag, trekt Badalona nationale aandacht. De socialistische PSOE, die al 32 jaar onafgebroken regeert, loopt grote kans de stembusgang te verliezen, iets wat de socialisten op veel meer plaatsen in Spanje dreigt te gebeuren. Maar in Badalona gaat de neergang gepaard met de snelle opkomst van Xavier García Albiol.

De boomlange politicus (43) is van de centrumrechtse Volkspartij (PP), en voert campagne met een populistische, onverbloemde anti-immigratieboodschap. Als hij, zoals peilingen voorspellen, in Badalona burgemeester wordt, schept dit een precedent. Een overwinning van Albiol kan ertoe leiden dat immigratie een belangrijker electoraal thema wordt in Spanje dan het tot nu toe is.

Albiols verkiezingsslogan is ‘hablar claro’ (duidelijke praat). Over de overlast die sommige buitenlanders veroorzaken, zegt hij „dat je hier niet kunt komen en doen waar je zin in hebt”. Hij vindt dat Roma (zigeuners) uit Roemenië niet in de stad kunnen blijven en roemt de deportaties van Roma uit Italië en Frankrijk. En hij belooft dat de inwoners van Badalona „voorrang krijgen boven illegalen bij sociale voorzieningen”.

Het is een agenda die in andere Europese landen inmiddels gemeengoed is, onder invloed van rechts-populisten. Maar in Spanje, waar politiek verzet tegen immigratie nog marginaal is, ontmoet Albiol felle kritiek. „Albiol uit geen duidelijke praat, maar valse praat”, stelt de socialistische burgemeester Jordi Serra. „Zijn aanpak is: leugens zo vaak te herhalen dat de mensen ze gaan geloven en denken dat ze het met hem eens zijn. En door de crisis gaat zijn boodschap er alleen nog maar makkelijker in.”

Serra vergelijkt Albiols strategie met die van Le Pen in Frankrijk. „Dit heeft eerder gewerkt in Europa, maar in Spanje zien we het voor het eerst. Ik zal alles doen om hem te ontmaskeren.” Zo zette hij op de gemeentewebsite cijfers waaruit blijkt dat het aantal buitenlanders in Badalona met 14 procent vlak onder het Catalaanse gemiddelde ligt.

Al is het percentage buitenlanders niet uitzonderlijk hoog; zij wonen in een beperkt aantal wijken aan de randen van Badalona. In de tweede helft van de vorige eeuw groeide de industriële voorstad van Barcelona snel door arbeidsmigratie uit Zuid-Spanje. In hun haastig neergezette hoge, krappe flats kregen deze arbeiders de laatste tien, vijftien jaar steeds meer buitenlandse buren. Eerst Noord-Afrikanen, later Latijns-Amerikanen en recentelijk ook veel Oost-Europeanen en Aziaten.

In een wijk als Llefià verwijten inwoners de regerende socialisten nu arrogantie. Ze zeggen dat klachten over de toegenomen criminaliteit en afgenomen leefbaarheid niet serieus worden genomen. „De burgemeester zien we hier zelden”, zegt barvrouw Mari Martin. ‘Xavi’, zoals ze Albiol noemt, komt daarentegen heel vaak, zegt ze.

De bewoners wantrouwen de relativerende statistieken op de website van de burgemeester, want „heel veel migranten schrijven zich niet in”. Een studie waaruit blijkt dat migranten in Catalonië juist verhoudingsgewijs minder aanspraak doen op sociale voorzieningen dan autochtonen, weerspreken ze met eigen ervaringen. „Ik zat laatst bij de sociale dienst in de wachtkamer, en ik was de enige Spaanse.”

Dat migranten harder worden getroffen door de massawerkloosheid in Spanje dan autochtonen, geloven ze evenmin. „Veel van die migranten werken zwart, voor de helft van het minimumloon. Ik snap wel waarom ik geen baan kan vinden”, zegt Manuel Ortega, een bouwvakker die in april werkloos werd. „Albiol zegt hardop wat wij alleen maar denken.”

Waar Albiol zegt alleen illegalen te willen weren, maken veel van zijn potentiële kiezers dit onderscheid niet. „Het zijn er nu genoeg”, zegt Maria-Angeles Utrera, de vrouw wier dochter bang is voor Oost-Europeanen. Zij begrijpt dat migranten naar Spanje komen voor een beter leven. Haar eigen ouders waren in de jaren zestig gastarbeiders in Duitsland. „Maar die hadden zich ook te gedragen en konden daar alleen komen en blijven met een contract.”

Een halve eeuw later kent Europa echter open grenzen. De circa 700 tot 800 Roemeense Roma in Badalona, die voor een onevenredig groot deel van de overlast en criminaliteit verantwoordelijk worden gehouden, zijn EU-staatsburgers. Albiol beseft dat een burgemeester hen niet kan uitzetten, bevestigt hij desgevraagd. „Maar ik zou de politie ze het leven zo zuur laten maken, dat ze uit zichzelf vertrekken.”

Zijn PP, op landelijk niveau de belangrijkste oppositiepartij, geniet in Catalonië van oudsher weinig populariteit. Dat Albiol nu de grootste lijkt te worden in de derde stad van Catalonië, zegt daarom veel over de aantrekkingskracht van zijn boodschap. Maar gevraagd of zijn partij landelijk eenzelfde koers zou moeten varen, reageert Albiol voorzichtig. „Ik ken alleen de situatie in Badalona. Daar draag ik oplossingen voor aan. Maar als partijgenoten me willen kopiëren, vind ik dat natuurlijk prima.”