Latino's beheersen Portugese streekderby in Dublin

FC Porto won gisteren de finale van de Europa League met 1-0 van Braga. De twee Portugese clubs stelden vooral spelers uit Zuid-Amerika op. Een Colombiaan maakte de beslissende treffer.

De grote uitverkoop bij FC Porto begint vandaag. De beste spelers van de Portugese ploeg, die gisteren streekgenoot Sporting Braga in de finale van de Europa League met 1-0 versloeg, hebben de interesse gewekt van rijke clubs uit Engeland, Spanje en Italië. Porto lijkt goed te gaan verdienen op de transfermarkt en zal de opbrengst weer investeren in spelers uit Zuid-Amerika.

De wedstrijd in de Ierse stad Dublin, dat al een aantal jaar geleden door de Europese voetbalbond UEFA was aangewezen als finalestad, vertelde het verhaal van de Portugese voetbaleconomie. FC Porto begon de eerste Europese finale tussen twee Portugese clubs met twee Brazilianen, twee Argentijnen, twee Colombianen en een Uruguayaan in het team. Braga stelde daar zeven Brazilianen tegenover. Slechts zes van de 22 voetballers die begonnen aan de Portugese streekderby – de stadions van Porto en Braga liggen op vijftig kilometer afstand van elkaar – komen uit Portugal. En in de tweede helft wisselde Braga nog eens twee Portugezen voor twee Brazilianen.

Vlak voor rust had Radamel Falcao, de Colombiaanse spits van FC Porto, zijn ploeg met een kopbal op voorsprong gezet, uit een voorzet van zijn landgenoot Fredy Guarin. Porto beperkte zich daarna hoofdzakelijk tot verdedigen, waardoor Braga een paar keer gevaarlijk voor het doel van keeper Helton kon opduiken. Maar de spitsen van het kleine Braga kwamen niet tot scoren.

Het beslissende doelpunt van Falcao bevestigde nog eens dat voetbalclubs uit Portugal niet zonder buitenlandse voetballers kunnen. Uit een recente studie van de Professional Football Players Observatory, een sportwetenschappelijke onderzoeksgroep van de universiteit van Neuchâtel in Zwitserland, bleek dat de 32 Portugese profvoetbalclubs uit de hoogste twee divisies van het land vorig jaar gemiddeld meer dan een half elftal aan buitenlandse voetballers aantrokken. In totaal kwamen in 2010 182 buitenlandse voetballers naar Portugal. Portugese clubs behoorden daarmee tot de grootste importeurs van Europa: alleen clubs uit Griekenland (205) en Cyprus (219) haalden meer spelers uit het buitenland.

Het merendeel van de voetballers die vorig jaar naar Portugal verhuisden, kwam uit de voormalige kolonie Brazilië, 95 in totaal. Maar ook voetballers uit andere Zuid-Amerikaanse landen zijn populair bij Portugese clubs.

Een flink deel van de Portugese voetbaleconomie is gebaseerd op voetballers uit Zuid-Amerika en Afrika. Net als de rest van de voetbalwereld jagen ook Portugese clubs over de hele wereld op jonge en goedkope talenten die na een tijdje met winst verkocht moeten worden.

FC Porto exporteerde vorig jaar bijvoorbeeld 16 voetballers – anderhalf elftal – naar het buitenland. De voetballers zelf doen meestal graag mee aan dit speculatieve systeem. Voor hen lonken de miljoenen die er in het Europese topvoetbal worden uitgedeeld. De Braziliaanse middenvelder Ramires (van Benfica naar Chelsea) en de Argentijnse aanvaller Angel di Maria (van Benfica naar Real Madrid) zijn de laatste voorbeelden van succesvolle voetballers die hun Europese profcarrière in Portugal begonnen.

Voor de spitsen van FC Porto, de potige Braziliaan Givanildo Vieira de Souza met de voetbalnaam ‘Hulk’ en de Colombiaan Falcao, ligt waarschijnlijk ook zo’n loopbaan in het verschiet. Hulk maakte dit seizoen 23 doelpunten in de Portugese competitie, waarin zijn team zonder één wedstrijd te verliezen kampioen werd. Falcao scoorde dit seizoen 17 keer in de Europa League, een record. In de halve finale tegen de Spaanse topploeg Villarreal maakte de Colombiaan vier doelpunten.

Ondanks de succesverhalen heeft de meerderheid van de migranten in de Portugese competitie een neerwaartse carrière. Uit het onderzoek van de Professional Football Players Observatory kwam naar voren dat veel meer Braziliaanse voetballers via de Portugese competitie uiteindelijk terechtkomen bij clubs in Roemenië of Armenië, ver weg van het geld en de roem.