Donner worstelt met huursector

Voor de tweede keer in drie maanden tijd gaat een plan om de huren te verhogen niet door. Na lang tegenstribbelen trok minister Donner zijn voorstel gisteren in.

Den Haag : 18 mei 2011 Protest van enkeel tientallen mensen tegen het kabinet, die verhuurders de ruimte wil laten de huur met 120 euro te verhogen. foto © Roel Rozenburg
Den Haag : 18 mei 2011 Protest van enkeel tientallen mensen tegen het kabinet, die verhuurders de ruimte wil laten de huur met 120 euro te verhogen. foto © Roel Rozenburg

Zelfs na twee uur debat snapte minister Donner (Binnenlandse Zaken, CDA) er nog helemaal niets van. De Tweede Kamer houdt vast aan „een papieren werkelijkheid”, zei Donner. En die heeft volgens hem weinig te maken met de ervaringen die hij zelf heeft. „Corporaties zullen echt niet allemaal de huren gaan verhogen.”

Maar Donner streed gisteren tevergeefs. De Kamer keerde zich in grote meerderheid tegen diens plan om verhuurders toe te staan alle woningen in Nederland per 1 juli 25 extra punten in het woningwaarderingsstelsel toe te kennen. Daarmee zouden in theorie alle huren met zo’n 120 euro kunnen stijgen. De Kamer vreest dat veel huren inderdaad fors zullen stijgen, dat huurders zullen blijven zitten waar ze zitten, starters geen woning meer kunnen betalen en veel woningen boven de liberalisatiegrens van 652,52 euro uitkomen. In dat laatste geval zijn verhuurders niet meer gebonden aan de maximale huurprijs en neemt het aantal sociale huurwoningen af. Donner stribbelde lang tegen, maar trok uiteindelijk zijn voorstel in. Binnen een maand komt hij met een nieuw plan. 1 juli wordt waarschijnlijk niet meer gehaald.

Het voorstel van Donner is omstreden omdat het afwijkt van het regeerakkoord. Daarin staat dat de huurverhoging alleen voor woningen in ‘schaarstegebieden’ zoals Amsterdam en Utrecht geldt, en dat de huurstijging wordt gekoppeld aan de WOZ-waarde van een woning.

Maar volgens Donner is dat bij nader inzien te ingewikkeld. Hoe bepaal je wat precies overspannen woninggebieden zijn? Wat doe je als zo’n gebied in de toekomst niet meer overspannen is? Donner verwacht ook dat honderdduizenden huurders bezwaar gaan aantekenen tegen de WOZ-waarde van hun huis als die gaat meetellen bij het bepalen van de huur. En veel huurders zullen proberen een woning net buiten het schaarstegebied te zoeken, zodat de wachtlijsten daar oplopen.

Zijn alternatieve voorstel is eenvoudiger, vindt Donner, „en ademt de geest van het regeerakkoord uit”. In tegenstelling tot de Kamer verwacht hij geen forse huurstijgingen: „Op papier kan dat, maar er is geen reden te veronderstellen dat het ook zal gebeuren.” Volgens Donner bedraagt de gemiddelde huur op dit moment 72 procent van de maximale huurprijs.

Het overtuigde de Kamer niet, ook niet coalitiepartij CDA en gedoogpartner PVV. Donners partijgenoot Bas Jan van Bochove noemde het „een onbegrijpelijk voorstel” en eiste een nieuw voorstel. Koepelorganisatie van woningcorporaties Aedes toonde zich eerder juist voorstander van Donners alternatieve plan.

Het is de tweede tegenslag voor Donner in korte tijd in zijn poging de huursector aan te pakken. De wensen – meer marktwerking, minder sociale huurwoningen en een huurprijs die beter aansluit bij de marktwaarde van een woning – zijn duidelijk. Maar bij de uitwerking stuit het kabinet op weerstand in de samenleving, de politiek of op praktische problemen. Zo werd in maart bekend dat het niet gaat lukken om per 1 juli huurders met een inkomen boven 43.000 euro 5 procent meer huur, bovenop de inflatie, te laten betalen. Volgens Donner is nog onduidelijk hoe de inkomens precies gecontroleerd moeten worden. Ook is een wetswijziging nodig.

Ook van het plan uit het regeerakkoord om huurders het recht te geven hun woning te kopen, is niets meer vernomen. Dat moet nog worden uitgewerkt. Deskundigen wezen er eerder in deze krant op dat dat juridisch lastig uitvoerbaar is.

Donner toonde zich gisteren bezorgd over het uitstel van alle maatregelen. Volgens hem hebben verhuurders geld nodig om te investeren. „De huren stijgen al vijf jaar niet meer dan de inflatie. Daarmee wordt het steeds onaantrekkelijker te investeren in nieuwe sociale huurwoningen. Dat is een groot probleem.” De enige maatregel die wel is ingevoerd, is dat sinds 1 januari 90 procent van alle huurwoningen moet worden toegewezen aan inkomens tot 33.614 euro. Maar dat was een beslissing van het vorige kabinet.