Vervuld van haat jegens Tutsi's

Een van de architecten van de genocide in Rwanda in 1994 werd gisteren veroordeeld.

De Rwandese voormalige legerchef Bizimungu in 2002. Foto Reuters Former head of the Rwandan army Augustin Bizimungu listens to the court proceeding at the International Criminal Tribunal for Rwanda (ICTR) in Arusha, Tanzania in this August 21, 2002 file photo. The ICTR on May 17, 2011 found two former military chiefs guilty of genocide in the 1994 slaughter of ethnic Tutsis and moderate Hutus, the court said. The ICTR also found former army chief Bizimungu and former military police leader Augustin Ndindiliyimana guilty of crimes against humanity. REUTERS/ Internews Network/Files (TANZANIA - Tags: CRIME LAW CIVIL UNREST)
De Rwandese voormalige legerchef Bizimungu in 2002. Foto Reuters Former head of the Rwandan army Augustin Bizimungu listens to the court proceeding at the International Criminal Tribunal for Rwanda (ICTR) in Arusha, Tanzania in this August 21, 2002 file photo. The ICTR on May 17, 2011 found two former military chiefs guilty of genocide in the 1994 slaughter of ethnic Tutsis and moderate Hutus, the court said. The ICTR also found former army chief Bizimungu and former military police leader Augustin Ndindiliyimana guilty of crimes against humanity. REUTERS/ Internews Network/Files (TANZANIA - Tags: CRIME LAW CIVIL UNREST) REUTERS

Onaangedaan hoorde de voormalige Rwandese legerchef Augustin Bizimungu gisteren het vonnis van het Rwandatribunaal in het Tanzaniaanse Arusha aan. Dertig jaar cel kreeg hij wegens de sleutelrol die hij speelde bij de genocide in Rwanda in 1994.

Het hof achtte bewezen dat de inmiddels 59-jarige oud-militair persoonlijk langs de huizen van militante Hutustrijders was gegaan met de opdracht zoveel mogelijk Tutsi's, door hem steevast aangeduid als „kakkerlakken”, te vermoorden. Hij beloofde wapens en brandstof om huizen in brand te steken.

Enkele dagen nadat de grote slachtpartij onder Tutsi's en gematigde Hutu's in de hoofdstad Kigali was begonnen, op 7 april 1994, werd Bizimungu, toen al generaal-majoor, benoemd tot legerchef. En het hof stelde vast dat hij niets deed om de moordpartijen te staken.

Met zijn benoeming ging een jongensdroom in vervulling. Hoewel Bizimungu van eenvoudige afkomst was - zijn familie bezat geen koeien, meldden bewoners van zijn geboortedorp in de buurt van de grens met Oeganda aan een verslaggever van The Washington Post - was hij bijzonder ambitieus. Hij slaagde erin in de gunst te raken bij de rijkste man in zijn dorp, Felecien Kabunga. Die had een theeplantage en haatte de Tutsiminderheid diep.

Bizimungu bofte bovendien dat zijn moeder hem als oudste zoon naar school stuurde. Daar blonk hij vooral uit in sport. Op voorspraak van Kabunga werd Bizimungu echter toegelaten tot een militaire opleiding in de voormalige koloniale mogendheid België. Naar verluidt was het juist in deze periode dat zijn diepe haat tegen de Tutsi's sterk groeide. De Tutsi's bekleedden volgens hem veel te veel belangrijke posities.

Zelf kwam Bizimungu via de protectie van Kabunga in contact met vooraanstaande Hutu's in Kigali. Tussen 1990 en 1994 beraamde hij met anderen een bloedbad in Rwanda voor, dat ten doel had de Hutu's definitief aan de macht te brengen.

De wreedheden, van de Hutustrijders, die Bizimungu aanvoerde, kenden geen grenzen. Ze deinsden er niet voor terug de buiken van zwangere vrouwen open te snijden en de foetussen te doden of kinderen levend te begraven. Ook Tutsi-vrouwen werden op grote schaal verkracht en gedood. Sommige Tutsi's liet Bizimungu echter ongemoeid, zoals zijn chauffeur en - in ruil voor veel bier - groepen Tutsi's die een goed heenkomen hadden gezocht in het enige luxehotel in Kigali, het Hotel des Mille Collines, later vereeuwigd in de film ‘Hotel Rwanda’.

Na het bloedbad waarbij zo'n 800.000 mensen werden vermoord, vluchtte Bizimungu naar Angola. Daar werd hij in 2002 aangehouden. Sindsdien zat hij in Arusha in afwachting van zijn proces.