Woon je als tiener ineens op jezelf

Op je 15e in je eentje naar Amsterdam – sommige voetbalsters doen veel om in de eredivisie te komen.

En dan te bedenken dat die bijna was opgeheven.

Speelsters van het KNVB Nederlands dames efltal onder de 19 in hun gedeelde flat in Amsterdam. Op de foto Pascalle, Nadine, Marieke en Nienke. Foto: Peter de Krom
Speelsters van het KNVB Nederlands dames efltal onder de 19 in hun gedeelde flat in Amsterdam. Op de foto Pascalle, Nadine, Marieke en Nienke. Foto: Peter de Krom

In een flat midden in Amsterdam-Osdorp wachten zestien voetbalmeiden tot het tijd is om te trainen. De één doet haar trainingspak aan, de ander bladert nog een schoolboek door. Ze spelen in het Talent Team van de KNVB en trainen vier keer per week onder leiding van oud-voetbalster Maria van Kortenhof in Amsterdam. De speelsters uit het team die niet uit de buurt van de hoofdstad komen, wonen met elkaar in de flat. Alleen in de weekenden gaan ze terug naar hun ouders.

In de gezamenlijke keuken staan aangekoekte pannen opgestapeld, de tafel ligt vol kruimels en een ketchupfles staat nog op tafel. „Tja, we hebben een schoonmaakrooster”, zegt Nienke Olthof (16). „Maar daar houden we ons niet altijd aan.”

Een van de redenen dat het schoonmaakrooster niet wordt gevolgd, is dat zeven speelsters gisteren zijn begonnen aan het centrale eindexamen. „We hebben door het trainen amper tijd om te leren, van schoonmaken komt het dus helemaal niet”, lacht Nadine Hanssen (17).

Als de voetbalsters ’s middags uit school komen, gaan ze direct naar het trainingsveld. „We trainen twee uur en daarna eten we met elkaar. Dan hebben we nog maar een paar uur om te leren”, vertelt Pascalle Tang (18). Veel klasgenoten van de flatbewoonsters zijn jaloers. „Iedereen denkt dat we helemaal losgaan zonder ouders, maar daar hebben we geen tijd voor. Na afloop van de training zijn we kapot”, zegt Nienke Olthof. Er is elke avond wel tijd voor een half uurtje gezelligheid. „Met z’n allen GTST kijken”, roept Nadine Hanssen.

De speelsters zijn tijdens districtswedstrijden geselecteerd voor het Talent Team. De bedoeling is dat ze in twee jaar worden opgeleid tot eredivisiewaardige speelsters. Elke twee tot drie weken neemt het team het in een oefenwedstrijd op tegen een eredivisieploeg. Wie het vereiste niveau heeft bereikt, wordt geïntroduceerd bij een eredivisieclub.

Zo is Tessel Middag (18) inmiddels voorgesteld aan ADO Den Haag. „De gesprekken zijn gaande”, zegt ze trots. Wie na twee jaar niet goed genoeg is, moet het Talent Team verlaten. „Maar ook dan zijn die twee jaar niet voor niets. Je leert onwijs veel door al dat trainen”, vertelt Nadine Hanssen.

Niet alle ouders waren blij met de verhuizing van hun dochters. „Dat is logisch, als je op je vijftiende uit huis gaat”, denkt Nienke Olthof. „Toen ik hier net woonde, kwamen mijn ouders vaak langs”, zegt Hanssen. „Nu zijn we twee jaar verder en zijn ze eraan gewend.” Voor de meiden zelf was de grote stad ook wennen. „Ik kom uit de buurt van Sittard”, vertelt Marieke Ubachs (17). „In Limburg heb je niet zoveel gekleurde mensen. Iedereen is hier ook veel directer, dat was even schrikken.”

De meiden zijn door de verhuizing zelfstandiger geworden. „We doen zelf boodschappen en doen het huishouden”, zegt Hanssen. „Alleen Nick [Veenbrink, teammanager van het Talent Team] komt af en toe langs om te kijken hoe het gaat.” Drie dagen in de week wordt het avondeten verzorgd, één avond moeten ze zelf koken.

Ruzie is er niet in het huis. „We hebben allemaal onze kamer dus als we het zat zijn, gaan we daarheen”, zegt Marieke Ubachs. Gepest wordt er wel. „Vooral de meiden uit Limburg nemen we in de maling”, lacht Olthof. „Je moet echt zorgen dat je kamer op slot zit, anders worden al je spullen versleept of laten ze een confettibom ontploffen. Het is soms net een schoolkamp.”

Toen bekend werd dat AZ en Willem II zich komend seizoen terugtrekken uit de eredivisie, heerste er een bedrukte sfeer in huis. „Het was zelfs even de vraag of de eredivisie wel zou voortbestaan”, zegt Ubach. „Gelukkig is dat niet meer aan de orde. Sommigen van ons zitten hier bijna twee jaar en hebben veel voor het voetbal opgegeven. Zo zijn we toch hierheen verhuisd en zien onze vrienden en familie bijna niet meer. En een aantal van ons moet gespreid examen doen omdat het anders niet te combineren is met het voetbal. Ineens leek dat allemaal voor niets.”

Toch hebben ze nog steeds geen idee hoe hun voetbaltoekomst eruit zal zien. „We moeten hopen dat de eredivisie blijft bestaan”, zegt Tessel Middag. Pascalle Tang: „En dat het vrouwenvoetbal hier net zo groot wordt als in de Verenigde Staten en Duitsland. Hopelijk wordt het in de toekomst wel gewaardeerd.”