Mijn tempo lag te laag

De volle drie uur was Felisha Aakster gisteren bezig met het examen Nederlands, dat om 13.30 uur begon. Het examen bestond uit drie teksten, waarvan twee met vragen. Van de derde tekst moest ze een samenvatting maken.

„Ik heb de wekker niet gezet. Ik wilde dat mijn moeder me lekker ouderwets kwam wakker maken. Ze stond om 9 uur aan mijn bed. Ik ben de eerste die bij ons thuis examen doet. Er wordt goed voor mij gezorgd. Ze zetten thee. En mijn zusje doet mijn krantenwijk.

„Vanochtend heb ik me niet meer in de stof verdiept. Mijn lerares vond dat ik genoeg had gedaan. Ik heb gedoucht, ontbeten en ben vast aan andere vakken begonnen.

„Ik begon het examen goed. De tekst over het publieke debat in Nederland vond ik interessant. Maar met de samenvatting had ik moeite. De opdracht was nogal vaag. Oefenexamens bevatten vaak aanwijzingen welke elementen belangrijk zijn, maar hiermee kon je alle kanten uit. Ik heb graag een beetje houvast.

„Wat me opviel was dat er veel open vragen in dit examen zaten. Die zijn lastig omdat je op twee dingen moet letten: de inhoud én het aantal woorden. Meestal mag je maar 15 woorden voor een antwoord gebruiken. Ga je daar één woord overheen dan kost dat je meteen een punt. Je moet to the point zijn.

„Mijn tempo lag wel wat te laag vandaag. Ik heb de afgelopen weken veel oefenexamens gemaakt, daarmee was ik meestal na twee uur klaar. Maar nu heb ik de volle drie uur benut. Halverwege dacht ik: ik red het niet. Ik moest me haasten. De zenuwen, denk ik. En je leest nog net iets nauwkeuriger.

„Ik heb na afloop met opzet geen antwoorden opgezocht. Die spanning, dat durf ik niet aan. Hoe langer ik namelijk over dat examen nadenk, hoe slechter ik het heb gemaakt. Het kan goed zijn dat dit examen een zes wordt. Dat is geen ramp. Al moet ik dat dan eigenlijk met een negen voor een ander vak compenseren. Ik heb mezelf met een extra druk opgezadeld, omdat ik graag met een acht gemiddeld wil slagen. Die studie internationale betrekkingen past gewoon bij mij, en met een hoog gemiddelde hoef je niet mee te loten om toegelaten te worden.”

Lineke Nieber