Het slachtoffer is Pakistan

Wie als westerling Pakistan wil begrijpen, zit al snel op een dwaalspoor.

Anatol Lieven schreef een portret van het land waar alle ogen op gericht zijn.

Activisten van de fundamentalistische Jamaat demonstreren op 6 mei jongstleden in Peshawar tegen Amerika n.a.v. de dood van Osama bin Laden. Foto AFP Behind a Pakistani flag activists of Jamaat-e-Islami Pakistan chant slogans as they march during an anti-US protest on May 6, 2011 in Peshawar condemning the US operation in Pakistan which killed bin Laden on May 1. Hundreds of Pakistanis took to the streets on May 6, cheering Osama bin Laden and shouting "death to America" to condemn a unilateral US raid on their soil that killed the Al-Qaeda chief. Friday is a traditional day of protest in the Muslim world, where demonstrations frequently take place after the main weekly prayers. AFP PHOTO/A MAJEED
Activisten van de fundamentalistische Jamaat demonstreren op 6 mei jongstleden in Peshawar tegen Amerika n.a.v. de dood van Osama bin Laden. Foto AFP Behind a Pakistani flag activists of Jamaat-e-Islami Pakistan chant slogans as they march during an anti-US protest on May 6, 2011 in Peshawar condemning the US operation in Pakistan which killed bin Laden on May 1. Hundreds of Pakistanis took to the streets on May 6, cheering Osama bin Laden and shouting "death to America" to condemn a unilateral US raid on their soil that killed the Al-Qaeda chief. Friday is a traditional day of protest in the Muslim world, where demonstrations frequently take place after the main weekly prayers. AFP PHOTO/A MAJEED AFP

Voor de Britse schrijver en analist Anatol Lieven (50) lijkt de maat vol. Als de Pakistaanse inlichtingendiensten écht niet wisten waar Osama bin Laden zich verborgen hield, zoals Islamabad volhoudt, dan is dat een grof schandaal. ‘Misdadige veronachtzaming’, schrijft hij in het laatste nummer van Newsweek, dat afgelopen weekeinde verscheen.

De meest waarschijnlijke optie is volgens Lieven dat ‘sommige elementen’ binnen de Pakistaanse inlichtingengemeenschap op de hoogte waren van Bin Ladens verblijfplaats in Abbottabad, maar de Amerikanen bewust in het ongewisse lieten. ‘Misschien omdat ze hoopten hem te kunnen inzetten als onderhandelingstroef in een toekomstige crisis met Washington.’

Als die theorie blijkt te kloppen moeten de militairen in Pakistan boeten, vindt Lieven. Het minste is wel dat generaal Shuja Pasha, de chef van de machtige militaire inlichtingendienst ISI, wordt ontslagen. En als het antiterreurbeleid niet snel effectief wordt georganiseerd, moet de Amerikaanse militaire hulp aan Pakistan drastisch worden verminderd.

Te midden van alle observaties springt de stellingname van Anatol Lieven er uit. De oud-journalist, tegenwoordig hoogleraar aan het instituut voor Oorlogsstudies van King’s College in Londen en verbonden aan de denktank New America Foundation in Washington, staat bekend als een bedachtzame, intelligente waarnemer. Zijn mening doet er vooral toe omdat juist vorige maand een veelomvattend en indringend portret van zijn hand is verschenen van het „weerbarstige” land van de „zuivere islam” dat Pakistan heet.

Toen Anatol Lieven Pakistan – A Hard Country afrondde, was Bin Laden vanzelfsprekend nog niet gepakt. Zo lijkt het boek al bij verschijning verouderd. Maar het tegendeel is waar. Zijn recente artikel in Newsweek zou je kunnen lezen als een actualisering en aanscherping van zijn inleidende beschouwingen en conclusies over het gecompliceerde karakter van de Pakistaanse samenleving; van de politieke, militaire, economische en juridische cultuur in het land. Maar ook zonder die update staat zijn boek in het post-Osamatijdperk als een huis.

Wat afkeurenswaardig is in westerse ogen kan rationeel zijn in Pakistaanse beleving, legt Lieven uit. Wie de Pakistaanse puzzel probeert te leggen volgens westerse sjablonen zit op een dwaalspoor, is zijn boodschap.

Als het gaat om het kernthema van dit moment, terrorisme en de betrekkingen met de VS, trekt hij opvallende, en in zeker opzicht geruststellende, conclusies. Zo is er de vaststelling dat de Amerikaanse militaire campagne in Afghanistan, de leugens van oud-president George W. Bush om de inval in Irak te rechtvaardigen en de aanhoudende aanvallen van drones, onbemande vliegtuigen, in het grensgebied met Afghanistan hebben geleid tot islamitische rebellie en terreur in Pakistan. Pakistan is het grootste slachtoffer van terrorisme, en paradoxaal genoeg heeft dat de haat tegen de Amerikaanse terreuraanpak alleen maar aangewakkerd.

Dat neemt niet weg dat het schrikbeeld van een kernmogendheid die wordt opgeslokt door een islamitische revolutie à la Iran ver van de werkelijkheid afstaat, betoogt Lieven. De Pakistanen zijn overwegend diepgelovig, velen zijn fundamentalistisch, maar weinigen voelen voor de omvorming van Pakistan tot een soort kalifaat met de sharia. De Pakistaanse atoombom is geen islamitische bom, maar een nationalistische, ontwikkeld uit lijfsbehoud voor de natie (tegenover India). De door de VS fel gehekelde Pakistaanse gedoogsteun jegens de Afghaanse Talibaan is ingegeven door nationalistisch belang. Door de „legitieme” wens om straks een Pakistan gunstig gezind regime (Talibaan en Pathanen) in Kabul te hebben, en uit vrees voor (alweer) Indiase omsingeling.

Dezelfde rationaliteit drijft het leger: het enige moderne, goed functionerende instituut in het land. ‘Het Pakistaanse leger bestaat om Pakistan te verdedigen. Dat is zijn raison d’être,’ niet om terroristen aan een kernwapen te helpen of om een islamitische revolutie te entameren.

Maar hij voegt er een ernstige waarschuwing aan toe. Als de VS een aanval op Pakistaanse nucleaire installaties zouden ondernemen of als ze, minder denkbeeldig, hun drone-aanvallen zouden uitbreiden naar Baluchistan of de vroegere North West Frontier Province, of, „nog gevaarlijker”, als ze openlijk met grondtroepen zouden interveniëren in het grensgebied met Afghanistan, dan is het risico van muiterij binnen de strijdkrachten plotseling levensgroot. Het zou de Pakistaanse staat doen ineenstorten, met onvoorzienbare consequenties.

Lievens discours over de Pakistaanse relatie met de VS en de Talibaan vormt slechts een onderdeel van zijn boek. Minstens zo boeiend zijn de hoofdstukken waarin hij ingaat op de rechtspraak, de politiek en het geloof, en de passages waarin hij een rondreis maakt langs experts en ‘gewone’ mensen uit de verschillende regio’s, elk met hun eigen eigenaardigheden.

Het zijn soms somber stemmende, maar vaak ook vrolijke en menselijke observaties die hij doet. ‘Onze familie telt drie takken en we verdelen de (parlements)zetels onderling. Mijn oom had een zetel namens de (fundamentalistische) Jamaat, maar de Jamaat heeft nu een alliantie met de PPP, dus zit mijn vrouw nu in de politiek voor de PPP. Zij werd gekozen omdat ik overheidsambtenaar ben en niet kan meedoen, en mijn broer in het buitenland werkt. Onze zuster heeft geen academische graad, dus moest mijn vrouw het doen,’ vertelt een telg uit een familie van grondbezitters aan Lieven.

Die houding getuigt van gezond pragmatisme. Pakistan is een zeer conservatieve, in zekere zin archaïsche samenleving. De islam is dominant, maar wordt door de massa op een bijna blije, roomse manier beleden, met diep respect voor lokale heiligen en volksvertellingen. De vele verschijningsvormen van de islam belemmeren ten diepste de verspreiding van een moderne, eenvormige en geradicaliseerde islam, zegt Lieven. In het politieke bedrijf staat niet ideologie voorop, maar de wederzijdse afhankelijkheid van leiders en het netwerk van historisch en cultureel bloedverwantschap dat zij geacht worden te beschermen.

Dat diep in de samenleving verweven systeem van steeds wisselende loyaliteiten zorgt voor stabiliteit, maar het verhindert ook modernisering en economische opleving van het land. Te veel geld gaat op aan het tevreden stellen van de achterban. Zelfs ‘verlichte’ militaire leiders als veldmaarschalk Mohammas Ayub Khan en recentelijk generaal Pervez Musharraf gingen te gronde aan die traditionele wetmatigheid, beschrijft Lieven. De tragiek van Pakistan is misschien wel dat militaire leiders zich altijd als democraten hebben gedragen, en democratische leiders (als Zulfikar Ali Bhutto, diens dochter Benazir en Nawaz Sharif) zich tot corrupte, dictatoriale machthebbers ontpopten. Maar ook hier geldt: ‘Alleen Pakistanen kunnen Pakistan controleren.’

Anatol Lieven: Pakistan – A Hard Country. Allan Lane, 560 blz. € 19,-