Goed getekend is niet genoeg

Strips worden steeds serieuzer genomen als literaire vorm.

Toch blijven ideeën voor graphic novels vaak ideeën. Zonde, zegt Gert Jan Pos.

Affiche van de Benelux Beeldverhalenprijs 2011
Affiche van de Benelux Beeldverhalenprijs 2011

Strips zijn een eind gekomen: ze worden serieus genomen als literaire vorm en strips krijgen steeds vaker een podium in galeries en in musea. Vorige week vrijdag werd in galerie The Frozen Fountain in Amsterdam Binnenskamers van Tim Enthoven gepresenteerd en geëxposeerd. Binnenskamers is het opzienbarende debuut van Enthoven, die nog maar net afstudeerde van de Design Academy in Eindhoven en al illustraties maakte voor The New York Times en voor het Zuid-Afrikaanse Design Indaba.

Morgen krijgt een striptekenaar de Jan Hanlo Media-Essayprijs voor een essay in stripvorm. Op de Universiteit van Amsterdam wordt bij Engels college gegeven over de graphic novel; de drukst bezochte colleges op de faculteit. Het Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst stelde de Marten Toonderprijs in, de eerste stripprijs met een aanzienlijk prijzengeld: 25.000 euro. Peter Pontiac is na Jan Kruis de tweede winnaar van de oeuvreprijs. Hij krijgt die op 9 september op het Stripfestival Breda uitgereikt.

Dat is allemaal mooi. Toch kunnen vooral jonge makers nog steeds een steuntje in de rug gebruiken. Strips maken vereist doorzettingsvermogen en je moet er ongelofelijk eigenwijs voor zijn, anders begin je er niet aan. De Benelux Beeldverhalen Prijs wil jonge makers een podium bieden. Op talloze kunstopleidingen zitten tekenaars die eigenlijk strips willen maken, maar daar nergens mee terecht kunnen. Om geld te verdienen gaan ze aan de slag als illustrator of vormgever. De grootse plannen voor baanbrekende graphic novels blijven plannen. Dat is doodzonde, want er loopt enorm veel talent rond in Nederland en België. Wie deze week de strippagina’s leest zal dat zien en, ook merken dat ze wat stijl en thematiek betreft gigantisch uiteenlopen.

De eerste editie van de prijs in 2010 was een succes. Het aantal inzendingen (121) overtrof de verwachtingen, net als de gemiddelde kwaliteit. Erwin Kho won met Elke seconde telt. Hij kwam op tv, won met hetzelfde verhaal in Vlaanderen de Plastieken Plunk en zijn werk verscheen in Pulp Deluxe, Zone 5300 en in de bundel Mooi is dat!, waarin romans, gedichten en toneelstukken uit de Nederlandse literatuur werden verstript.

De tweede editie was opnieuw een verrassing: het aantal inzendingen lag iets lager, 84, maar de kwaliteit was hoger. De topvijf is divers en de shortlist bevat veel nieuwkomers. In 2011 waren er meer vrouwen onder de inzenders. 23 procent van de inzenders uit 2010 deed opnieuw mee. Het aantal Vlaamse inzenders bleef gelijk.

Voor de beoordeling van de inzendingen zijn drie heldere criteria gehanteerd. Is het een goed verhaal? Is het goed getekend? Is het origineel? Alles wat onbegrijpelijk was en kop noch staart had, viel meteen af. Strips moet je lezen om te weten of het een goede strip is. Je kunt niet zien of iets een goede strip is. Je kunt hoogstens beweren dat het goed getekend is. En zoals de Amerikaanse stripgrootmeester Will Eisner al dicteerde: „Great artwork is not enough.” Een goede strip is een combinatie van vorm en inhoud. De maker gaat op zoek naar het ideale evenwicht tussen die twee. Daarbij heeft hij of zij lang niet altijd tekst nodig, maar wel altijd beeld: een strip zonder plaatjes bestaat niet.

De jury had geen voorkeur voor digitaal of ouderwets handwerk, mixed media of schilderwerk. Maar omdat de BBP is bedoeld als aanmoedigingsprijs, woog originaliteit zwaar. Sommige thema’s zijn onverslijtbaar, maar sommige verhalen zijn ook al duizend keer verteld. Daar hoeft wat de jury betrof niet nog een keer aan worden toegevoegd. Ditmaal had de jury een half uur minder nodig dan vorig jaar: de beraadslagingen werden na drieëneenhalf uur gestaakt. De winnaar staat vrijdag in de krant. De vijftig beste inzendingen hangen vanaf 4 juni in galerie 37K in Haarlem.

Gert Jan Pos is intendant strips bij het Fonds beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst (BKVB)