Zo'n bizarre club moet de FA Cup winnen

Sketch uit Monty Python: The Philosophers' Football Match (1972).
Sketch uit Monty Python: The Philosophers' Football Match (1972).

DAVID: Ik hoop dat Manchester City vandaag de FA Cup wint.

SIMON: Dat is een merkwaardige investering van je emotionele energie. Waarom?

DAVID: Deels omdat de tegenstander, Stoke, het esthetische appèl heeft van een artilleriebombardement uit de Eerste Wereldoorlog. Maar het komt vooral omdat Manchester City zo onweerstaanbaar bizar is. Weet je dat de club is opgericht om masturbatie te bestrijden?

SIMON: Nee toch?

DAVID: Jawel. In de negentiende eeuw kwam de Britse elite tot de conclusie dat de vaderlandse jeugd aan ‘zelfmishandeling’ ten onder ging. Daarom stichtten de kerken voetbalclubs in arbeiderswijken. Jongens moesten elkaar in de kou trappen verkopen. Daar werden ze ‘mannelijk’ van, en dan hielden ze bovendien geen tijd over voor masturbatie, zo werd er geredeneerd. En dat zou dan weer de Empire redden. Manchester City was één van die kerkclubs. Het speelde in zwarte shirts met een groot witte kruis erop – het logo van de reinheidsbeweging White Cross League.

SIMON: Echt waar? Dus gekkigheid zit bij City in de genen. Ik zie City als een bastion van Engels surrealisme, de voetbaltak van Monty Python: een belachelijke club waar alles fout gaat en fans met grote plastic bananen zwaaien.

DAVID: City pronkt met zijn absurditeit. Het hele ethos van de club is: ‘Wij zijn geen Manchester United.’ Op het veld is United beter, maar buiten het veld City. Zelfs als City goed speelt, komt United het altijd verpesten.

SIMON: Niemand weet nog dat City in 1968 Engels kampioen werd, omdat United dat jaar de Europacup I won.

DAVID: En toen City in 1972 bijna kampioen was, wilden ze plotseling zelf ook een George Best. Dus kochten ze Rodney Marsh, een soort goedkope uitgave van George Best. Met Marsh zakte het team terstond in elkaar, City werd vierde en is nooit meer kampioen geworden.

SIMON: Ik bewonder vooral hun muzieksmaak. Het officieuze clublied is Blue Moon.

DAVID: Toch beter dan de meeste tribuneliedjes.

SIMON: Maar wat ik vooral leuk vind is hun link met Oasis, de band van Noel Gallagher. De leden van Oasis zijn City-fans, en daarom componeerden andere City-fans midden jaren negentig een City-versie van het Oasis-lied Wonderwall. Ze zongen het op de tribunes voor Alan Ball, de legendarisch slechte manager die hen liet degraderen: ‘There are times we’d like to score again/But we don’t know how… You’re my Alanball.’ Ze omhelsden hun eigen falen. Ook toen City naar de derde divisie afzakte, reisden duizenden fans mee naar uitwedstrijden tegen dorpsclubs als Gillingham, en zongen ze We’re Not Really Here. Surrealistisch.

DAVID: Nog surrealistischer: drie jaar geleden wordt deze rare losersclub plotseling overgenomen door de sjeiks van Abu Dhabi. Op slag wordt het ’s werelds rijkste voetbalclub. Voor honderden miljoenen ponden worden topspelers gehaald.

SIMON: Maar nog steeds winnen ze niks.

DAVID: Maar nu misschien wel. Vorige maand was ik op Wembley toen ze United in de halve finale van de beker versloegen. De fans waren zo blij. Ze zongen We’re Not Really Here, maar ditmaal als feestlied, in de zin van: ‘Droom ik nou?’

SIMON: Tsja, sinds 1974 hebben die mensen vooral ellende meegemaakt.

DAVID: Dat is echt zo. Op Wembley zat ik naast een City-fan, ene Danny, die te nerveus was om te kijken. Op een gegeven moment holde hij naar de snackbar. Pas enkele minuten voor het einde kwam hij weer terug. Na afloop moest hij huilen. Hij omhelsde me en riep „Ik hou van je!”

SIMON: Ja? Heb je ware liefde gevonden?

DAVID: Nee, hij is weer terug bij zijn vrouw.

SIMON: Ik vrees alleen dat City vanaf vandaag wel prijzen gaat winnen. Dat zou een ramp zijn. Dan verliest de club zijn ziel. Ik vraag me af hoe de fans daarmee om zullen gaan.

DAVID: Nee, dat vinden ze prima.

Simon kuper en david winner