Nertsenfokker mikt op nieuwe senaatsleden

Met dertig spotjes over familiebedrijven die nertsen fokken, heeft de nertsenfokkerij dit weekeinde een televisiecampagne gelanceerd die begrip moet kweken voor hun positie. De strijd om de fokkerij in stand te houden is verloren, zegt voorzitter Wim Verhagen van de Nederlandse Federatie van Edelpelsdierenhouders. Maar om nou 170 familiebedrijven „compleet de vernieling in te helpen”, kan volgens hem ook niet de bedoeling zijn.

Nertsen worden in Nederland gefokt voor bont. Maar dieren louter voor bont fokken vindt de Tweede Kamer onethisch. Dus wordt het op initiatief van SP en PvdA op termijn verboden. De vraag naar bont in kleding is de afgelopen jaren wel fors gegroeid. Verhagen: „Dat zal dan van fokkers in Polen en Rusland komen.”

Aanleiding voor de publiekscampagne is de verkiezing van de nieuwe leden van de Eerste Kamer, over twee weken. De senaat heeft een belangrijke rol gespeeld rond de wet die nertsenfokkerij moet verbieden. Twee keer al heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel teruggestuurd naar de Tweede Kamer. Belangrijkste twistpunt is dat de fokkers verplicht worden te investeren om het welzijn van de dieren te bevorderen, maar tegelijk afstevenen op een verbod. Verhagen: „Er is geen bank die je geld leent voor investeringen in een sector die geen toekomst heeft. De overheid moet die investeringen dus compenseren.”

Twee weken geleden verstuurde de Tweede Kamer een derde versie van het wetsvoorstel, waarin twee miljoen euro per jaar wordt gereserveerd voor compensatie van de 170 bedrijven. Verhagen: „De Universiteit Wageningen heeft berekend dat we een half miljard euro schade zullen lijden de komende jaren. Twee miljoen is niks.” De kosten zitten volgens de fokkers in de verplichte bouw van grotere hokken voor de nertsen. En in speelmogelijkheden voor de dieren.