Bange politici voeden argwaan over de euro

Een ‘geheim’ etentje van ministers uit de eurozone leidde tot wilde geruchten over een Griekse exit. EU-politici doen geheimzinnig, omdat ze het publiek vrezen.

Als het crisis is in Europa, mag je hopen dat politieke leiders rustig bij elkaar komen en de problemen aanpakken vóór ze verder escaleren. Sinds de val van Lehman Brothers is dat meermalen gebeurd. Ze eten, bellen, doen videoconferenties.

Vrijdagavond, toen eurogroepvoorzitter Jean-Claude Juncker enige euroministers van Financiën, een eurocommissaris en de voorzitter van de Europese Centrale Bank voor een privé-etentje ontving, ging het spectaculair mis. De bijeenkomst lekte uit, via Der Spiegel. Sommige deelnemers, onder wie Juncker zelf, lieten medewerkers glashard ontkennen dat er een bijeenkomst was. Ze wilden niet dat ministers die niet waren uitgenodigd zich gepasseerd voelden. Ze wilden geen paniek zaaien over extra leningen voor Griekenland, rentes op leningen aan Portugal en de opvolgingskwestie bij de ECB – onderwerpen die ze wilden bespreken.

Maar de leugen kwam uit. De gepasseerde ministers (zoals Jan Kees de Jager) voelden zich extra belazerd, de euro daalde in waarde, absurde geruchten over een Grieks vertrek uit de eurozone vlogen de wereld rond. Als politieke leiders niet in staat zijn een etentje te managen, hoe kunnen ze dan de crisis de baas? Juncker zei laatst dat politici sommige dingen in „donkere geheime kamers” moeten bespreken. Als media overal bovenop zitten, houden politici geen ruimte voor onderhandelen en kunnen ze geen compromissen sluiten. De EU draait om compromissen.

Nu de schuldencrisis de monetaire en politieke stabiliteit van Europa op de proef stelt, geldt dat volgens Juncker extra. Als kranten schrijven hoe erg sommige banken eraan toe zijn, komen er bankruns en stort de economie in. „Je voedt speculatie. Zo dupeer je gewone mensen, die wij juist daartegen willen beschermen.”

Omdat politici logen of draaiden over het etentje vrijdag, vertrouwden velen hun ontkenning over de Griekse exit uit de euro ook niet. Intussen kregen Griekse bankdirecteuren klanten aan de lijn die hun geld naar het buitenland wilden brengen. „Als Juncker bevestigd had dat ze samen aten”, zegt de gefrustreerde medewerker van één van Junckers gasten, „was er niets aan de hand. Mensen zouden denken: goed zo, ze zitten er bovenop. Door het te ontkennen en vervolgens te gaan draaien, voedde hij desastreuze geruchten.”

Volgens Freddy Van den Spiegel, voormalig chef-econoom bij BNP Paribas, is de crisis een signaal dat de westerse hegemonie op zijn eind loopt en China het overneemt. Mensen zijn bang, zegt hij. „Politici moeten daarom extra uitleggen wat er speelt. Dat de crisis Europese integratie versnelt. Dat als banken Europees gaan, toezicht moet volgen. Dat we de Grieken helpen om ónze banken te schragen. Publieke steun voor Europa is nodig. Niet uit liefde, maar om te overleven. Individuele landjes gaan ten onder in de globalisering. Als we het samen doen, hebben we een kans.” Maar politici vrezen de publieke opinie. Zij houden dingen geheim die niet geheim hoeven zijn. Dat leidt tot achterdocht en politieke impasses.

Finland wil niet lenen aan Portugal. De PVV weigert Griekenland extra te lenen en later te laten terugbetalen. En veel Grieken geloven dat de Duitse regering zelf het onzinnige verhaal in Der Spiegel heeft ‘geplant’ over de exit uit de euro.

Commentaar: pagina 2

Griekenland en de euro: pagina 4-5