Langs de lijn vechten zij om gunst publieke opinie

Voetbal is meer dan ooit een politieke sport, retorica is daarbij een factor van belang.

Filosofische analyse van de polemiek tussen de trainers van Barcelona en Real.

Na de verloren thuiswedstrijd in de halve finale van de Champions League zette José Mourinho, trainer van Real Madrid, de strijd voort. Hij zei dat hij zich zou schamen als hij trainer van FC Barcelona was. Ook suggereerde hij dat de Catalaanse club dankzij de shirtsponsoring van Unicef door de UEFA voorgetrokken wordt. „Geregeld verafschuw ik deze wereld”, sprak de Portugees over de (terechte) rode kaart voor Real-speler Pepe.

Ondertussen zette Real de propagandamachine in gang: de spelers namen de woorden van de trainer over, de Madrileense sportkrant Marca probeerde aan te tonen dat het gestrekte been van Pepe zijn tegenstander Daniel Alves niet eens geráákt had en op de website van de club werd een compilatie van alle fopduiken van Barça-spelers geplaatst.

Niemand sprak meer over de schandalige overtredingen van de spelers van Real Madrid en de prachtige doelpunten waarmee Barcelona de rivaal versloeg. Barça reageerde door een aanklacht over Mourinho’s insinuaties bij de UEFA in te dienen, maar Madrid ging daar gisteren rustig overheen door een ‘vuistdik’ rapport naar dezelfde bond te sturen, met pagina’s aan ‘bewijslast’ tegen zes Barça-spelers. De UEFA verklaarde beide klachten ongegrond.

Real heeft met suggesties, geruchten en verwijten het verhaal van de wedstrijd succesvol gekaapt. Het maakt niet uit dat dit hypocriet, irrationeel en zelfs kinderachtig is. Mourinho en zijn club snappen goed dat het beheersen van de publieke opinie op den duur net zo belangrijk is als de prestaties op het veld.

Voetbal is meer dan ooit een politieke sport, waarbij de belangen levensgroot zijn. Retorica buiten de lijnen is hierdoor een factor van belang geworden: veel topwedstrijden worden beslist door scheidsrechterlijke dwalingen, al dan niet beïnvloed door opgehitste spelers en publiek of de heersende opinie in de media en bestuurskamers voorafgaand aan een wedstrijd.

José Mourinho beheerst dit spelletje als geen ander. Voor de wedstrijd tegen Real zei Barcelona-trainer Pep Guardiola nog: „Ik schenk José de Champions League, die van buiten de lijnen. Normaliter wint hij daarbij, kan ik op basis van de historie concluderen.”

Real Madrid-Barcelona is de afgelopen jaren niet alleen een wedstrijd tussen twee historische rivalen, maar steeds meer een strijd tussen twee filosofieën geworden. De ene club heeft een romantisch idee over voetbal, dat aanvallend en aantrekkelijk moet zijn. Het gezicht van de club is ‘Wereldvoetballer van het Jaar’ Lionel Messi, die met veel spelplezier tussen verdedigers dartelt en buiten het veld bescheidenheid toont.

De andere club speelt vaak ook prachtig, maar kiest toch vooral voor het resultaat, waarbij fopduiken, provocaties en harde overtredingen niet geschuwd worden. De personificatie van deze spelopvatting is Cristiano Ronaldo, die fantastisch kan voetballen, maar net zo vaak verongelijkt als een klein kind bij de scheidsrechter zeurt en regelmatig blijk geeft van een onstuitbare arrogantie. Het is een strijd tussen idealisten en vechters voor het resultaat.

De verbale strijd tussen beide clubs past in de theorie van de Amerikaanse linguïst George Lakoff, die in boeken als Don’t Think of An Elephant (2004) en The Political Mind (2008) zijn theorie van framing uit de doeken deed. De links georiënteerde Lakoff keek gefrustreerd toe hoe George W. Bush twee keer tot president werd verkozen. Waarom konden de Republikeinen telkens het debat beheersen?

Volgens Lakoff hanteren de democraten en andere progressieve denkers een verouderd wereldbeeld. Zij gaan uit van rationaliteit, zoals dat in de Verlichting onder invloed van denkers als Immanuel Kant en René Descartes ontstond: een emotieloos, objectief, contextloos en universeel gegeven. Het overtuigen van een ander vindt plaats op basis van rationele argumenten: u bent van mening dat A, maar kijk eens naar Y, dan kunt u toch niet anders dan B concluderen?

Gek genoeg zijn mensen vaak niet op deze manier te overtuigen. Dat komt volgens Lakoff omdat deze notie van rationaliteit compleet verkeerd is. Dankzij neurowetenschappelijk onderzoek weten we nu veel meer over de werking van onze hersenen.

Een belangrijke conclusie is dat 98 procent van ons denken onbewust plaatsvindt. In ons brein vormen zich voortdurend frames: bepaalde kaders waarin we onze gedachten plaatsen. Wanneer bepaalde delen van onze hersenstructuur regelmatig tegelijk geactiveerd worden, gaan ze circuits vormen. Zo wordt een metafoor als ‘een warm persoon’ letterlijk, omdat we de warmte van een omhelzing associëren met de positieve eigenschap van empathie.

Via dit soort metaforen, die niet neutraal zijn maar beladen met emotie, kun je dus het onderbewustzijn van je publiek aanspreken en doordringen tot hun frames of zelfs een nieuw frame creëren.

Pep Guardiola is een ouderwetse rationalist, hij gelooft niet in spelletjes. Maar het zou goed kunnen dat Mourinho de boeken van Lakoff heeft gelezen. De selfmade man weet als geen ander hoe belangrijk het mentale aspect van het leven is.

Mourinho maakt altijd een heilig vuur in zijn spelers los – na zijn vertrek waren deze elftallen volledig uitgeblust. Voor de vorige wedstrijd tegen Barcelona haalde hij zelfs Albert Einstein aan om zijn mannen te motiveren: „Ik vertelde mijn spelers dat Einstein zei dat er een kracht sterker is dan stoom, elektriciteit en atoomenergie: de wil.”

Wesley Sneijder zei over zijn voormalige trainer: „Mourinho had mijn vader kunnen zijn. Voor zo’n man ga je door het vuur.” Maar Guardiola weet dat voetbal, anders dan politiek, niet alleen uit woorden bestaat. Zodoende legde hij zijn spelers een spreekverbod op, zodat ze niet in Mourinho’s frames meegaan en zich kunnen toeleggen op het enige spel waarin ze de Portugese meester-manipulator voorlopig wél de baas zijn: het voetbal.